Loading...
 

26e zondag door het jaar C - tweede lezing

2 Licht


…page…

1Timoteüs 6, 11-16: Vecht voor de goede zaak

De tekst

Dichter bij de tijd

(Bewerking: C. Leterme)

Streef naar goedheid,
godsvrucht, geloof, liefde,
geduld, vriendelijkheid.
Vecht voor het geloof,
win het eeuwige leven.
Daarvoor ben je geroepen,
daarvan heb je krachtig getuigd
in aanwezigheid van velen.

Ik beveel je voor God,
die alles leven geeft,
en voor Christus Jezus
die voor Pontius Pilatus
krachtig heeft getuigd:
voer dit gebod perfect uit
totdat onze Heer Jezus Christus komt,
op het moment dat God dat wilt.

Hij is de gelukzalige, de enige heerser,
de grote koning en de hoogste Heer.
Hij alleen is onsterfelijk
en woont in het licht,
waar geen mens kan komen.
Geen mens heeft Hem gezien
of kan Hem zien.
Voor Hem is eer en eeuwige macht!
Amen.



Stilstaan bij …

Pontius Pilatus
Romeins gouverneur in Palestina, in de tijd dat Jezus leefde.
Lees meer

Verschijning
Hiermee wordt de komst van Jezus op het einde van de tijd bedoeld.

Hij, de gelukzalige …
Deze lofprijzing lijkt erg op joodse lofprijzingen.





Suggesties

Grote kinderen

VERTELLEN

De leeuw en de poezen

(C.LETERME, Een parel voor elke dag, uitgeverij Averbode, 2007, p. 153)

Een leeuw liep statig
langs een groepje poezen
die met elkaar babbelden.
Hij dacht: ‘Ik ga hen verslinden.’

Maar plotseling
kwam een vreemd gevoel van rust
over hem neer
en hij begon te luisteren
naar wat ze zegden.
‘God,' zei één van de poezen,
‘we hebben de hele dag gebeden
om veel muizen,
maar tot nog toe
hebben we er geen gezien.’
‘Ik vraag me af
of God wel echt bestaat,'
zei een andere poes.
Maar God zei niets,
en de poezen verloren hun geloof.

Toen stond de leeuw op
en ging terug van waar hij gekomen was.
‘Dit is best wel grappig,’ dacht hij,
‘ik wilde zo’n poes opeten
en God hield mij tegen.
En toch wilden die poezen
niet meer in God geloven.
Ze maakten zich zo druk
om wat er niet was,
dat ze niet eens doorhadden
hoe ze beschermd werden.’




Overweging bij het verhaal
(C. LETERME in Kerk en leven, Federatie Rotselaar, 25 mei 2016, p. 1)

Sommige kleuters weten van geen ophouden!
'Waarom is het water van de zee zout?
Waarom zijn de bergen zo hoog? Wie is God?'

Dé vraag waar ouders, grootouders en opvoeders zo tegen opzien is er uit.
Wat moet je daarop antwoorden?
God is zo heel anders dan een mens.

Eeuwenlang probeerden mensen over God te spreken.
Maar elk van die pogingen schoot uiteindelijk tekort.
Ook verhalen brengen geen soelaas.

God is niet te vatten in één verhaal, ook niet in honderd verhalen.
Maar ze kunnen wel een tipje van de sluier oplichten.
Ze proberen op te roepen wat mensen over God ervaren hebben.

Het verhaal hierbij doet een poging:
enkele poezen hebben trek in een portie muis.
Om muizen te kunnen vangen bidden ze de hele dag tot God.
Maar er komen geen muizen en ze vragen zich af: 'Bestaat God wel?'

De leeuw in het verhaal heeft zin in een paar poezen
maar blijft om een onverklaarbare reden rustig liggen.
Iets wat volgens hem te maken heeft
met de eigen manier waarop God tewerk gaat.

God blijkt duidelijk anders dan gedacht:
Hij gaat niet in op de smekende vraag van de poezen
en laat de leeuw onverklaarbaar stil liggen
bij het zien van een hapklare prooi.

Mensen vergeten wel eens dat God geen mens is.
Dat wil wel niet zeggen dat Hij niet bezorgd is om mensen,
maar dat doet Hij op zijn manier.



Bestaat God wel?

Een meester vroeg:
‘Heeft iemand in de klas
al eens God horen spreken?’
Geen antwoord.
‘Heeft iemand in de klas
al eens God kunnen aanraken?’
Opnieuw geen antwoord.
‘Heeft iemand in deze klas
al eens God gezien?’
Opnieuw antwoordde niemand.
‘Dan bestaat God niet’,
besloot de meester.

Eén van de leerlingen dacht even na
en vroeg:
‘Mag ik ook iets vragen?’
‘Doe maar,’ zei de meester.
‘Heeft iemand het verstand van onze meester
al eens gehoord?’
Stilte.
‘Heeft iemand het verstand van onze meester
al eens kunnen aanraken?’
Volledige stilte
‘Heeft iemand in de klas het verstand van onze meester
al eens gezien?’
Niemand antwoordde.
‘Ja...
dan moet ik,
volgens de manier van denken van onze meester,
besluiten dat hij geen verstand heeft.’




Overweging bij het verhaal
(C. LETERME in Kerk en leven, Federatie Rotselaar, 16 november 2016, p. 1)

Hoe men het draait of keert, godsdienst heeft met God te maken.
En over God worden veel vragen gesteld: Bestaat Hij wel?
Is Hij soms een uitvinding van mensen? Hoe ziet Hij eruit?

Vragen ook die al eeuwen lang over de hele wereld gesteld worden
en verschillende antwoorden kregen.
Vragen die voor een aantal mensen geen antwoord kunnen krijgen,
omdat ze zeggen dat God niet te zien is!

Het verhaal hierbij wil alvast één aspect meer op punt zetten:
het is niet omdat je iets niet kunt zien of aanraken,
dat het niet bestaat.

Wie gelooft dat er een God is, vindt zo’n benadering goed gevonden.
Maar wie daar niet van overtuigd is, blijft het er moeilijk mee hebben.
Zeker in een tijd waarin de wetenschap zoveel antwoorden kan geven
en de werkelijkheid kan manipuleren, naar zijn hand kan zetten.

Dat neemt niet weg dat ook wetenschappers met verbaasde ogen
naar die werkelijkheid kijken: wat zit daarachter?
Wat heeft die werkelijkheid in gang gezet?

Christenen geloven in God als een vader,
als diegene die aan de oorsprong van alle leven staat.
Ze noemen Hem “de almachtige Vader, Schepper van hemel en aarde,
Schepper van al wat zichtbaar en onzichtbaar is”.

Ze geloven ook
dat God zich heeft laten kennen in de geschiedenis van het joodse volk,
wanneer het uit verdrukkende situaties bevrijd werd.
Maar vooral in Jezus, die ze zijn Zoon noemen.
Omdat ze de woorden en daden van Jezus ‘goddelijk’ vonden
en bevrijdend, zoals God zelf bevrijdend was voor zijn volk.

En ze geloven bovendien dat God te ervaren is als een geest, een spirit,
die hen optilt tot mensen die rechtvaardig, goed en liefdevol zijn voor elkaar.





EXTRA

Klik hier om meer info en suggesties over God te vinden.