Loading...
 

Goede Vrijdag - evangelie

2 Kruis


...page... Wiki page pagination has not been enabled.

Johannes 18, 1 - 19, 42: Lijden en dood van Jezus 

Johannes 18, 1 - 19, 42 // Matteüs, 26, 14 - 27, 66 // Marcus 14, 1 - 15, 47 // Lucas 22, 14 - 23, 56



De tekst

Dichter bij de tijd

Als Jezus gebeden heeft, gaat Hij met zijn leerlingen naar de overkant van de Kedronbeek.
Daar ligt een tuin. Hij gaat er met zijn leerlingen binnen.
Judas, die Hem gaat overleveren, kent die plaats,
want Jezus gaat er dikwijls met zijn leerlingen naartoe.
Judas gaat ernaar toe samen met een groep soldaten en enkele dienaren
van de hogepriesters en farizeeën. Ze hebben fakkels bij, lantaarns en wapens.
- Wie zoekt u? vraagt Jezus.
- Jezus, de Nazoreeër.
- Ik ben het.
Terwijl Jezus dat zegt, deinzen ze achteruit en vallen op de grond.
- Wie zoekt u?
- Jezus, de Nazoreeër
- Ik zei u al: Ik ben het. Als Ik het ben die u zoekt, laat hen dan gaan.
De soldaten en de Joodse gerechtsdienaren grijpen Jezus vast en boeien Hem.

Ze brengen Hem eerst naar Annas, de hogepriester.
Die heeft gezegd: 'het is beter dat één mens sterft voor het volk.'
Simon Petrus en nog een andere leerling volgen Jezus.
Die leerling kent de hogepriester
en gaat tegelijk met Jezus het paleis van de hogepriester binnen.
Petrus blijft buiten aan de poort staan.
De leerling die de hogepriester kent, gaat daarom met de portierster praten
zodat Petrus ook naar binnen kan.
- Bent u ook niet een van de leerlingen van die man? vraagt het meisje aan de poort aan Petrus
- Ik? Welnee!
Het is koud. De knechten en de gerechtsdienaren staan zich te warmen
bij een houtskoolvuur dat ze aangelegd hebben. Petrus staat zich bij hen te warmen.

Intussen ondervraagt de hogepriester Jezus over zijn leerlingen en zijn leer.
- Ik heb openlijk, voor de hele wereld, gezegd wat Ik te zeggen had.
Ik heb altijd les gegeven op plaatsen waar alle Joden samenkomen:
in een synagoge of in de tempel.
Nooit heb Ik iets in het geheim gezegd.
Waarom ondervraagt u Mij eigenlijk?
Ondervraag degenen die gehoord hebben wat Ik te zeggen had:
die weten heel goed wat Ik gezegd heb.
Een van de dienaren, die bij Jezus staan, geeft Jezus een klap in het gezicht.
- Is dat de manier waarop je de hogepriester antwoord geeft?
- Als Ik iets verkeerd gezegd heb, zeg me dan aan wat er verkeerd aan was.
Maar als het juist was, waarom slaat u Me dan?
Dan stuurt Annas Jezus geboeid naar de hogepriester Kajafas.

Terwijl Simon Petrus zich staat te warmen, vraagt nog iemand:
- Bent u soms ook een van zijn leerlingen?
- Ik? Maar nee!
Dan zegt een van de knechten van de hogepriester:
- Ik heb u toch bij Hem in de tuin gezien?
Opnieuw ontkent Petrus het. Op hetzelfde ogenblik kraait er een haan.

Dan brengt men Jezus van Kajafas naar het pretorium. Het is vroeg in de ochtend.
De Joden gaan daar niet binnen,
om niet onrein te worden en het paaslam te kunnen eten.
Daarom komt Pilatus naar buiten.
- Waar beschuldigt u tegen deze man van?
- Als Hij geen misdadiger was, zouden we Hem niet aan u hebben overgeleverd!
- Dan moet u Hem zelf maar volgens uw wet berechten.
- Wij hebben het recht niet om iemand ter dood te brengen.
Dan gaat Pilatus het pretorium weer binnen en roept Jezus bij zich.
- Bent U de koning van de Joden?
- Bent u daar zelf op gekomen of hebben anderen u over Mij verteld?
- Ben ik soms een Jood? Uw eigen volk, uw hogepriesters, hebben U aan mij overgeleverd.
Wat hebt U gedaan?
- Ik ben geen koning van deze wereld.
Als ik een koning van deze wereld was, zouden mijn dienaars er wel voor vechten
dat Ik niet aan de Joden wordt overgeleverd.
Maar ik ben geen koning van deze wereld.
- U bent dus toch koning?
- Ja, Ik ben koning:
met geen andere bestemming ben Ik geboren en in de wereld gekomen
dan om te getuigen van de waarheid.
Iedereen die uit de waarheid is, luistert naar mijn stem.
- Waarheid? Wat is waarheid?’
Na deze woorden gaat Pilatus naar buiten en zegt tegen de Joden:
- Ik vind Hem volstrekt onschuldig.
Maar u bent gewoon dat ik ter gelegenheid van het paasfeest iemand vrijlaat.
Zal Ik de koning van de Joden vrijlaten?
- Nee, Hem niet, maar Barabbas!
Barabbas was een bandiet.

Pilatus laat Jezus geselen.
De soldaten vlechten een krans van doornen,
zetten die op zijn hoofd en werpen Hem een purperrode mantel om de schouders.
Daarna komen ze om de beurt naar Hem toe en zeggen:
- Gegroet, koning van de Joden!
En ze slaan Hem in het gezicht.
Pilatus komt weer naar buiten
- Luister, ik laat Hem naar buiten brengen
om u duidelijk te maken dat ik Hem volstrekt onschuldig vind.
Jezus komt naar buiten, met zijn doornenkroon en zijn purperrode mantel.
- Hier is Hij dan – de mens.
Zodra ze Hem zien beginnen de hogepriesters en hun dienaren te schreeuwen.
- Kruisigen, kruisigen!
- Dan moet u Hem zelf maar kruisigen. Ik vind Hem onschuldig.
- Wij houden ons aan de wet.
Die zegt dat Hij moet gedood worden omdat Hij zich voor Zoon van God uitgeeft.
Als Pilatus dat hoort, wordt hij echt ongerust. Hij gaat het pretorium weer binnen.
- Waar komt U vandaan?
Maar Jezus geeft geen antwoord.
- U spreekt niet tegen Mij? U weet toch dat ik de macht heb om U vrij te laten,
maar ook de macht om U te laten kruisigen?’
- U zou over Mij geen enkele macht hebben als u die niet door de hemel gegeven was.
De zwaarste schuld ligt daarom bij hem die Mij aan u heeft overgeleverd.
Dan begint Pilatus alles te doen om Hem vrij te laten. Maar de Joden schreeuwen:
- Als u zo iemand vrijlaat, bent u niet langer de vriend van de keizer.
Wie zich voor koning uitgeeft, komt in verzet tegen de keizer.
Wanneer Pilatus hen zo hoort spreken,
laat hij Jezus naar buiten brengen en plaatsnemen op een verhoog.
Het is de dag voor Pasen, rond de middag.
- Hier is Hij dan, uw koning.
- Weg, weg met Hem! Aan het kruis met Hem!
- Zal ik dan uw koning kruisigen?
- We hebben geen koning, we hebben alleen de keizer!
Dan levert Pilatus Jezus aan hen over om gekruisigd te worden.

Wat later draagt Jezus zelf het kruis en gaat de stad uit, naar Golgota.
Daar wordt Hij gekruisigd en met Hem twee anderen,
aan weerskanten één, en Jezus in het midden.
Op het bordje dat op het kruis wordt aangebracht, liet Pilatus schrijven:
‘Jezus, de Nazoreeër, koning van de Joden.’
Heel wat Joden kunnen dat lezen,
want de plaats waar Jezus gekruisigd is, ligt dicht bij de stad.
Het staat erop in het Hebreeuws, in het Latijn en in het Grieks.
De hogepriesters gaan naar Pilatus.
- U moet niet schrijven: 'Koning van de Joden',
maar wat Hij gezegd heeft: 'Ik ben de koning van de Joden.’
- Wat ik geschreven heb, blijft geschreven.
Wanneer de soldaten Jezus gekruisigd hebben,
verdelen ze zijn kleren in vieren, voor iedere soldaat een deel.
Maar er is ook nog zijn onderkleed: dat is bovenaf uit één stuk geweven.
- Dit mogen we niet stuk scheuren. Laten we dit liever onder elkaar verloten.
Intussen staan bij het kruis van Jezus:
zijn moeder, de zuster van zijn moeder, Maria de vrouw van Klopas, en Maria van Magdala.
Als Jezus zijn moeder ziet en bij haar de leerling die Hij graag heeft, zegt Hij:
- Vrouw, daar is nu je zoon.
en tegen de leerling:
- Daar is je moeder.
Vanaf dat moment zorgt die leerling voor de moeder van Jezus.
- Ik heb dorst, zegt Jezus.
Er staat daar een kruik met zure wijn.
Ze dopen er een spons in,
steken die op een hysopstengel en brengen die aan zijn mond.
Wanneer Jezus van die wijn gedronken heeft, zegt Hij:
- Het is volbracht.
Daarop buigt Hij het hoofd en geeft de geest.

Omdat het de dag voor Pasen is
en de Joden niet willen dat er dan lijken aan het kruis hangen,
gaan ze naar Pilatus
- Mogen we hun benen breken en hen weghalen?
- Dat is toegelaten.
De soldaten breken de benen van zowel de eerste als de tweede die met Jezus gekruisigd is.
Maar als ze bij Jezus komen, zien ze dat Hij al dood is.
Daarom breken ze zijn benen niet.
Wel doorsteekt een van de soldaten zijn zijde met een lans.
Meteen komt er bloed uit en water.

Daarna gaat Jozef van Arimatea, een leerling van Jezus naar Pilatus.
- Mag ik het lichaam van Jezus weghalen?
- Dat mag je gerust doen.
Jozef haalt het lichaam weg. Nikodemus is er ook bij.
Hij heeft een mengsel mee van mirre en aloë, in een heel grote hoeveelheid.
Ze wikkelen het lichaam van Jezus in linnen doeken, samen met de kruiden,
zoals men gewoonlijk doet bij een Joodse begrafenis.
Op de plaats waar Jezus gekruisigd is ligt een tuin.
In die tuin ligt een nieuw graf, waarin nog nooit iemand is bijgezet.
Omdat het de dag voor Pasen is en het graf dichtbij ligt, leggen ze Jezus daarin neer.


Merk op
Om de verhaallijn strak te houden, werden alle verwijzingen naar schriftteksten die in vervulling gingen weggelaten. Ook de passage waarbij Petrus het oor afslaat van Malchus werd om die reden weggelaten.



Stilstaan bij...

Zure wijn
Dat Jezus drinkt van de zure wijn is een verwijzing naar Psalm 69:
'Ze mengen vergif in mijn eten, ze geven mij zure wijn voor de dorst.' (Psalm 69, 22). Deze psalm uit verder een grote verbondenheid met God.

Heel wat anders dan in het evangelie volgens Marcus en Matteüs, die psalm 22 citeren:
'God, mijn God, waarom hebt U mij in de steek gelaten?'
Volgens Johannes liet God Jezus niet in de steek


Hysop
Johannes vervangt de rietstok uit het evangelie volgens Marcus (Marcus 16, 36) door een hysopstengel. De hysop die in het Midden-Oosten voorkomt is een geurig, kruidig struikje dat ongeveer zestig cm hoog wordt. Eigenlijk geen plant met een stengel die een gedrenkte spons kan dragen. Daarom kan men ervan uitgaan dat de symbolische betekenis bij Johannes een grote rol heeft gespeeld.

In de Bijbel wordt de hysop gebruikt in reinigingsrituelen. In deze context betekent dit dan: het kwaad, de dood heeft geen blijvend vat op Jezus (= opstanding).

De hysop verwijst ook naar de exodus van Israël uit Egypte: de Israëlieten moesten de nacht voor de uittocht hun deurposten bestrijken met het bloed van het paaslam dat ze geslacht hadden. Dit deden ze met een busseltje hysop. De redding die dit voor de Israëlieten bracht en de mogelijkheid om naar het Beloofde land te gaan, verwijst naar de exodus in het leven van Jezus.


Voorbereidingsdag
Hiermee bedoelt Johannes de vooravond van het joodse paasfeest. De dood van Jezus valt voor Johannes samen met het rituele slachten van de lammeren (Lam Gods)





Suggesties

Klik hier voor suggesties bij dit evangelie.





Overweging

Paus Franciscus

(Paus Franciscus tijdens de kruisweg in het Colosseum te Rome op Goede Vrijdag 18 april 2014)

"Het kruis toont ons de monsterachtigheid waartoe de mens in staat is
als hij zich laat leiden door het kwaad.
Maar het toont ons ook de enorme liefde van God
die ons niet behandelt op basis van onze zonden,
maar vanuit zijn eigen barmhartigheid."