Loading...
 

Verhaal van de week

Kathedraal

Het geloof van de koning

(C. LETERME, 99 verhalen met een knipoog, Averbode, 2014, p. 34-35)

Een machtig koning werd erg ziek.
De beste dokters van zijn land konden hem niet beter maken.
- God als U mij geneest, zal ik in U geloven, riep de koning.
- Beste koning, zei God, eerst moet jij geloven,
pas dan kan Ik jou genezen.
De koning dacht diep na.
- Ik heb het, ik zal een grote tempel voor God bouwen,
zo kan Hij zien hoeveel ik in Hem geloof.
Hij liet een tempel bouwen nog groter dan zijn paleis.
Op een dag ging de koning naar de tempel.
- Mag ik een aalmoes? vroeg een bedelaar.
- Ga weg, ik heb mijn geld nu voor wat anders nodig.
Toen de tempel klaar was, zei de koning:
- God, deze tempel is het bewijs van mijn geloof.
Genees me nu.
- Geloof zit niet in stenen, zei God, hoe mooi ze ook gestapeld zijn.
- Maar wat is dan 'geloven'?
En de koning beval zijn dienaren
alle boeken te kopen die over God gingen.
Hij begon ze allemaal te lezen.
's Middags smeekte een bedelaar onder zijn raam om wat brood.
- Ga weg, riep de koning. Ik ben bezig!
Maanden later was de koning klaar met zijn studie.
- God, ik heb alle boeken over Jou gelezen.
- Maar mijn beste koning,
geloven heeft niet alleen met verstand te maken.
Ik kan je nog steeds niet genezen.
De koning was een gebroken man.
- Wat is er aan de hand? vroeg een bedelaar.
- Ik wil weten wat geloven is.
- Maar koning, geloof zit in je hart.
Je moet gewoon houden van de mensen en van God.
's Avonds voelde de koning zijn einde naderen.
Hij wou nog één keer naar zijn tuin gaan.
Daar liep een bedelaar.
De koning klopte op de schouder van de man
en gaf hem tien goudstukken.
Op slag was de koning genezen.





Overweging bij het verhaal
De machtige koning uit het verhaal hierbij is erg ziek
en wil het op een akkoordje gooien met God.
‘Als ik genees, zal ik in U geloven,’ zegt hij.
Maar wat is geloven eigenlijk?

Eerst staat het verhaal stil bij wat geloven niet is,
dat maakt een en ander wat eenvoudiger.
Geloven heeft niets te maken met de grootte of de rijkdom van een gebedshuis.
En geloven heeft ook niets te maken met verstand: hoe goed dat ook is.

Voor een bedelaar heeft geloven met het hart te maken, met liefde.
Nogal wat mensen vinden dit niet zo vreemd.
‘Kijk maar naar het woordje geloven,’ zeggen ze,
‘daar zie je het woordje ‘love’ in, het Engelse woord voor liefde.’

En ook Jezus sprak zo over geloven:
‘Hou van God en van je naaste, dat is hetzelfde gebod.’

Nu is die ‘naaste’ wel een rekbaar begrip.
Sommigen vinden dat de ‘naaste’ alleen iemand is,
die past in hun eigen manier van leven, van denken.
Iemand die hen bevestigt in wie ze zijn.

Maar voor Jezus is de naaste iedereen die je op je levensweg tegenkomt,
wie die ook is en hoe die ook is:
groot, klein, dik, dun, blank, zwart, oud, jong, ziek,
gezond, rijk, arm, lief, nors, man, vrouw, vriend, vijand…

Zei Jezus niet: ‘Hou van je vijand,
want er is niets speciaals aan om van iemand te houden die je graag hebt.’
Christen zijn, geloven in Jezus, dat is een hele opgave!
Dat is ook een hele rijkdom!

Chantal Leterme


Zin in meer zo'n verhalen? Dat kan!

Uitgeverij Averbode gaf de volgende drie verhalenbundels uit:

. C. LETERME, Een parel voor elke dag
. C. LETERME, Parels van verhalen
. C. LETERME, 99 verhalen met een knipoog'

In de 'winkel' van de uitgeverij kun je er je winkelwagentje mee vullen en ...