Inhoudstabel
…page…
Efeziërs 2, 4-10: De goedheid van God
De tekst
Dichter bij de tijd
(Bewerking: C. Leterme)
De goedheid van God is groot.
Hij houdt erg veel van de mensen.
Daarom wekte God ons samen met Christus tot leven.
Wij waren dood door onze zonden.
Maar dank zij de goedheid van God werden jullie gered.
Hij deed ons samen met Hem opstaan
en zetelen in de hemel, in Christus Jezus,
om in de komende eeuwen
de overgrote rijkdom van zijn genade te tonen
door zijn goedheid voor ons in Christus Jezus.
Ja, door die genade zijn jullie bevrijd door het geloof,
Dat danken jullie niet aan jezelf.
Dat is een geschenk van God,
niet het resultaat van jullie prestaties,
niemand mag daarom trots zijn.
Wij zijn het werk van God,
geschapen in Christus Jezus
om in ons leven de goede daden te realiseren
waarvoor God ons geschapen heeft.
Stilstaan bij…
Dood
‘Dood’ is meer dan fysiek dood zijn. Het is: ver van God zijn, overgeleverd zijn aan zonde.
Bij de tekst
Betekenis
Niet luisteren naar het Woord van God en zonde, maken mensen geestelijk dood, gescheiden van God. Maar God bracht ons in Christus weer tot leven: Hij redt ons uit de dood door ons te doen verrijzen met Christus.
Opbouw
| Verzen | Inhoud |
| 4-7 | Paulus beschrijft de overgang van onheil naar heil, zoals God dat eerder bij Jezus heeft gedaan |
| 8-10 | Paulus trekt hieruit conclusies voor de christenen. |
Suggestie
Jongeren
VERTELLEN
De aap die mens zou worden
(C. LETERME, 99 verhalen met een knipoog, uitgeverij Averbode, p. 36)
De aap werd wakker.
Met een schok drong het tot hem door:
morgen word ik een mens.
Hij begon te dromen:
Als mens zal ik bananenbomen planten,
want ik ben dol op bananen.
‘Weten jullie het al?’ riep hij tegen de dieren,
morgen word ik mens!
‘Zo beste aap,’ zei het schaap, ‘ben je daar zo trots op?
Kijk eens diep in mijn ogen. Iets van mijn beeld zal altijd in je blijven.
Als mens zul je een beetje schaapachtig zijn.’
‘Je zult nog ezelachtiger zijn dan ik,’ zei de ezel.
‘Als mens zul je er een varkensstal van maken,’ wist het varken.
‘Listig, gemeen, giftig en venijnig zul je zijn,’ siste de slang.
En zo ging het maar door: honds, kattig, spinnijdig, koud als een vis...
Als laatste kwam de wolf:
‘Bloeddorstig en verscheurend zul je zijn, naar mijn beeld.
Je zult werktuigen maken om mensen te doden.’
’s Avonds zocht God de aap, die mens zou worden.
Hij zei: ‘Weet je, je wordt pas echt mens, als je naar Me luistert.
Draag mijn Beeld mee in alles wat je doet.
zorg voor licht in het donker, voor vrede waar gevochten wordt,
voor ruimte om gezond te leven.
Word een mens naar mijn Beeld. Dat zal heel goed zijn!