Loading...
 

4e zondag van de advent B, 25 maart Maria Boodschap - evangelie

Lucas 1, 26-38: Boodschap van een engel

De tekst

’Bijbel in gewone taal’

(Deze Bijbeltekst komt uit de Bijbel in Gewone Taal, © Nederlands Bijbelgenootschap 2014, p. 1616)

God stuurde de engel Gabriël naar Nazaret, een stad in Galilea. Elisabet was toen zes maanden zwanger. De engel ging naar Maria, een jonge vrouw die zou gaan trouwen met Jozef. Jozef kwam uit de familie van koning David.
De engel zei tegen Maria: ‘Ik groet je, Maria. God heeft jou uitgekozen. Hij zal bij je zijn.’ Maria schrok van de woorden van de engel. Ze vroeg zich af wat hij bedoelde.
Toen zei de engel tegen Maria: ‘Je hoeft niet bang te zijn, Maria. God heeft je uitgekozen voor iets moois. Je zult zwanger worden en een zoon krijgen. Je moet hem Jezus noemen. Jezus zal heel belangrijk zijn, hij zal Zoon van de allerhoogste God genoemd worden. En God, de Heer, zal hem koning maken, net zoals zijn voorvader David dat was. Jezus zal voor altijd koning van Israël zijn. Aan zijn macht komt geen einde.’

Maria zei tegen de engel: ‘Maar ik slaap nog niet met een man. Hoe kan ik dan zwanger worden?’ De engel antwoordde: ‘De heilige Geest zal bij je komen. En door de kracht van de allerhoogste God zul je zwanger worden. Daarom zal jouw kind bij God horen, en zal hij Zoon van God genoemd worden.
Ook je familielid Elisabet krijgt een zoon. Iedereen dacht dat zij geen kinderen kon krijgen. Maar nu is ze al zes maanden zwanger, terwijl ze toch al oud is. Voor God is alles mogelijk!’ Maria zei: ‘Ik wil God dienen. Laat er met mij gebeuren wat u gezegd hebt.’
Toen ging de engel weg.



Dichter bij de tijd

(Bewerking: C. Leterme)

Toen Elisabet zes maanden zwanger was,
zond God de engel Gabriël naar Nazaret in Galilea, naar Maria,
een jonge vrouw die verloofd was met Jozef, uit het huis van David.
Hij ging bij haar binnen en zei:
Wees blij, Begenadigde, de Heer is met u!'
Maria schrok van die groet en vroeg zich af wat dat kon betekenen.
Maar de engel zei: 'Vrees niet Maria, want je vond genade bij God.
Zie, je zult zwanger worden en een zoon ter wereld brengen.
Die moet je de naam Jezus geven.
Hij zal groot zijn en Zoon van de Allerhoogste genoemd worden.
God zal Hem de troon van zijn vader David schenken
en Hij zal voor altijd koning zijn over het huis van Jakob
en aan zijn koningschap zal nooit een einde komen.'
Maria zei: 'Hoe zal dat gebeuren,
ik heb geen gemeenschap met een man?'
De engel zei: 'De Heilige Geest zal over je komen
en de kracht van de Allerhoogste zal je overschaduwen.
Daarom ook zal je kindje heilig genoemd worden, Zoon van God.
Weet dat zelfs je nicht Elisabet, op hoge leeftijd een zoon kreeg
en hoewel men zei dat ze onvruchtbaar was,
is ze nu in haar zesde maand.
Want voor God is niets onmogelijk.'
Toen zei Maria: 'Zie naar wie God wil dienen.
Laat gebeuren wat je zegt.'
En de engel ging weg.



Stilstaan bij ...

Elisabet
Elisabet, die met de priester Zacharia getrouwd was, kon geen kinderen krijgen. Ze was al heel oud toen ze toch een zoontje kreeg. Daarom zag ze zijn geboorte als een geschenk van God. Die zoon was Johannes de doper, die Jezus doopte in de Jordaan.

Engel
In de Bijbel zijn engelen de woordvoerders van God: ze zeggen wat God aan de mensen wil zeggen.
De speciale aankondiging van de geboorte van Jezus toont aan dat Hij een unieke relatie met God heeft en bij God hoort vanaf het begin van zijn leven.

Gabriël
De naam ‘Gabriël’ betekent ‘Man van God’. Een goed gekozen naam voor een engel omdat een engel een boodschapper is van God.
In de islam krijgt de engel Gabriël de naam: 'Djibriel'. Hij is een belangrijk boodschapper van God. Hij was het die de Koran dicteerde aan de profeet Mohammed en hem begeleide op zijn reis naar de hemel.

Nazaret / Jeruzalem
Nazaret, een ‘stadje’ in het halfheidense Galilea, staat in contrast met Jeruzalem, de heilige stad, waar Zacharias in de tempel de engel heeft ontmoet.
Betekenis: God laat zich ook kennen in het doodgewone, het onopvallende.

David
David was dé koning van de joden. Ze herinneren zich zijn tijd als een gouden tijd: voor het eerst moest het volk niet meer rondzwerven, vond het een vaste stek.
Lucas vindt het belangrijk om die verre voorouder van Jozef te vernoemen, want hij wil Jezus in de lijn en in de uitstraling van David plaatsen.

Genade
Dit is de goedheid, de liefde van God, die elke mens krijgt.

Zoon
Met zoon wordt niet alleen bedoeld: kind van zijn vader, maar ook: hij die realiseert van zijn vader wil, wat zijn vader opdraagt te doen.

Jezus
'God zal bevrijden'
Deze naam is de Latijnse vorm van de veel voorkomende joodse jongensnaam Jehoshua, of Jozua. Een vreemde, aparte naam is het dus zeker niet! In de betekenis van zijn naam ligt de vervulling van het eeuwenoude verlangen naar een Messias.

‘Zoon van de Allerhoogste’
Met de 'Allerhoogste' wordt God zelf bedoeld.
'Zoon van de Allerhoogste' is in het Oude Testament een titel die gebruikt wordt voor iemand die door God uitgekozen is: de koning, of soms ook het hele volk van Israël. Hiermee wordt hun nauwe relatie met God duidelijk gemaakt en de bijzondere taak die daaraan verbonden is.
In het Nieuwe Testament wordt die titel alleen gebruikt voor Jezus.

Troon van David
Deze woorden herinneren aan wat in 2 Samuel 1, 16 staat: uw troon staat vast voor eeuwig. De context heeft het over David die een tempel voor God wil bouwen, waar hij de ark van het verbond wil plaatsen. Via de profeet Natan zegt God tegen David dat het andersom zal zijn: God zal een huis bouwen voor David. Voor altijd zal er familie van David op de troon zitten.
Omwille van deze uitspraak bleven de Israëlieten uitkijken naar een koning uit de familie van David, zelfs wanneer er geen koningen meer waren.
Daarom vermeldde Matteüs koning David nadrukkelijk in de stamboom van Jozef, en schreven de evangelisten Matteüs en Lucas dat Jezus geboren werd in Betlehem, de stad van David.

Voor God is niets onmogelijk
Deze zin is de sleutel om dit verhaal te begrijpen.





Bij de tekst

Als je dit verhaal aan kinderen vertelt ...

... doe het dan met een grote soberheid: voeg geen details toe die niet in de Bijbeltekst staan. Streef dezelfde soberheid na als je deze verhalen wil laten uitbeelden.

... zorg er dan voor dat de boodschap van de engel centraal staat en niet het spectaculaire van zijn verschijning.

… kun je de tekst als volgt inleiden:
om te tonen dat Jezus een heel goede vriend was van God, vertellen de mensen dat een engel zijn geboorte heeft aangekondigd.

... let ervoor op dat je de plaats die aan Maria gegeven wordt, niet over beklemtoont. Het gaat om de aankondiging van de geboorte van Jezus.

... leg dan geen accenten op het stille kamertje in Nazaret en maak er geen knus tafereeltje van. Het gaat om de verwachtingen van de joden in de loop van hun geschiedenis, die vervuld werden door de komst van Jezus.



'Dienaar van God'

(Bron: Bijbel Basics)

Dat Maria zegt: ‘Ik wil God dienen’ wil zeggen dat ze wilt doen wat God van haar verwacht.
In de Bijbel wordt over nog meer mensen gezegd dat ze een dienaar van God zijn. Het betekent dat iemand helemaal bij God hoort, en helemaal voor Hem leeft. Bijvoorbeeld:

Mozes
‘De Israëlieten kregen grote eerbied voor God. Ze vertrouwden op hem en op zijn dienaar Mozes’ (Exodus 14,31).

Elia
‘God, laat nu zien dat Jij de ware God van Israël bent, en dat ik je dienaar ben. Ik doe deze dingen omdat Jij het wilt’ (1 Koningen 18, 36).

Paulus
‘Ik ben een dienaar van Jezus Christus. God heeft mij uitgekozen om apostel te zijn. Hij heeft mij de opdracht gegeven om het goede nieuws te vertellen’ (Romeinen 1, 1-7).

Jezus
‘God heeft Jezus als zijn dienaar uitgekozen’ (Handelingen 3, 26).



De eerste christenen en deze tekst

De eerste twee hoofdstukken van Lucas, werden wellicht geschreven als antwoord op de vraag van christenen om een beter inzicht in Jezus te krijgen. Wat Lucas met dit verhaal wil zeggen, is dus belangrijker dan de manier waarop hij dat bekend maakt. Met dit verhaal wil hij aantonen dat Jezus bij God hoort vanaf het begin van zijn leven.

In de evangelies blijkt er nog geen speciale verering voor Maria als moeder van de Messias. Het is pas later dat legendes vertellen dat Joachim en Hanna haar ouders zijn; dat Maria als 3-jarig kind naar de tempel gebracht werd om in dienst van God te worden opgevoed; dat ze met de engelen leefde en haar maaltijden uit de hemel kreeg ... Allemaal middelen om haar bijzondere relatie met God duidelijk te maken.



Wortels in het Oude Testament

Jesaja 7, 14
"De Heer zelf zal u een teken geven. Een jonge vrouw zal zwanger worden en ze zal een zoon krijgen. Ze zal haar kind Immanuel noemen."


Boek Daniël
In het boek Daniël (Oude Testament) is de engel Gabriël de bode die het visioen van Daniël uitlegt. Hij is ook de engel die de redding van Israël aankondigt.
Als Lucas die engel vermeldt, was het voor de eerste christenen duidelijk dat Jezus van Nazaret de Messias was.



Het angelus

Het angelus is een gebed dat driemaal daags gebeden wordt: om zes uur 's morgens, twaalf uur 's middags en zes uur 's avonds. Vroeger stopte men dan men zijn werk om te bidden. Dit is te zien op het bekende schilderij van Jean François Millet.

Millet

Het gebed werd aangekondigd met drie slagen op een kleine klok. Men zei dan woorden die teruggrepen naar de tekst van de evangelist Lucas, waarin hij het heeft over de boodschap van de engel aan Maria. Na die woorden werd een Weesgegroet gebeden. Dit gebeurde drie keer. Daarna luidde men de klok gedurende twee minuten, terwijl men het afsluitend gebed bad.



De Engel des Heren heeft aan Maria geboodschapt;
En zij heeft ontvangen van de heilige Geest.
Wees gegroet, Maria ...

Zie de Dienstmaagd des Heren;
Mij geschiede naar uw woord.
Wees gegroet ...

En het Woord is vlees geworden;
En Het heeft onder ons gewoond.
Wees gegroet ...

Bid voor ons, Heilige Moeder Gods,
- opdat wij de beloften van Christus waardig worden.
Laat ons bidden.
Heer, wij hebben door de boodschap van de Engel
de menswording van Christus uw Zoon leren kennen.
Wij bidden U, stort uw genade in onze harten,
Opdat wij door Zijn lijden en kruis gebracht worden
tot de heerlijkheid van de verrijzenis.
Door Christus, onze Heer. Amen.


Al sinds 1571 wordt het angelus op die manier gebeden.
Wie het angelusklokje niet hoort kleppen in zijn omgeving, kent het gebed wellicht van de berichten uit het Vaticaan. Elke zondag bidt de paus om 12 uur 's middag het angelus samen met de gelovigen op het Sint-Pietersplein te Rome, als hij zich in Rome bevindt. Dit gebruik bestaat sinds paus Johannes XXXIII.



25 maart: Aankondiging van de Heer / Maria Boodschap

Rond 25 maart vierden de Romeinen het begin van een nieuw burgerlijk jaar.
Op die dag begonnen de christenen het feest van de boodschap aan Maria te vieren. Men zag in de boodschap van de engel het begin van een nieuwe tijd, een tijd waarin God zich doorheen Jezus op een bijzondere manier aan de mensen laat kennen.
Merk op dat 25 maart 9 maanden valt voor 25 december, de dag waarop de geboorte van Jezus gevierd wordt.



Uit de Koran …

(Uitgaven van ‘stichting MANNA’ – Stichting MANNA (CP Geleen – NL))

De engelen zeiden:
‘O Maria, God heeft jou gekozen! Hij nam je zonden weg,
en maakte van jou de beste vrouw van de wereld.
O Maria, vertrouw op de Heer, aanbid Hem en kniel voor Hem.’
De engelen zeiden:
‘O Maria, God vertelt je het goede nieuws
van de komst van Zijn Zoon.
Zijn naam is de Messias, zoon van Maria.
Hij wordt belangrijk in deze wereld en in het hemelse rijk.
Hij is onder de mensen die God aanbidden.
In de wieg en als volwassene zal Hij iedereen toespreken
als een wijze man.’
Zij zei: ‘Mijn Heer, hoe kan ik een zoon krijgen?
Ik ben nog nooit verliefd geweest.’
Hij zei: ‘Vertrouw op God. Hij weet wat Hij doet.
Als Hij wil dat iets bestaat, dan is het er.’
Ze verliet haar familie
en trok naar een plaats in het Oosten waar niemand haar kende.
Toen stuurde God de Heilige Geest.
Hij maakte kennis met Maria en was een heel lieve man.
Ze zei: ‘Als jij niet van God houdt,
wil ik niets met je te maken hebben.
De barmhartige God zal me daarbij helpen.

(Soerat: Imraams mensen)


Uit de Koran …
Nadat zij opgegroeid was in de tempel,
kreeg Marjam een hemelse boodschap.
Engelen kwamen bij haar en zeiden:
"0 Marjam, Allah geeft jou een blijde boodschap
over een Woord dat van Hem komt en als naam zal dragen:
'de Masih, Isa, zoon van Marjam.
Hij zal hoog in eer zijn in deze wereld
en in het hiernamaals zal hij dicht bij Allah staan.
In de wieg en als volwassene zal hij tot de mensen spreken
en hij zal rechtvaardig zijn.

Maar Marjam zei: Mijn HEER,
hoe zou ik een kind krijgen, terwijl geen man mij aangeraakt heeft?"
"Toch is het zo", zei de engel. "Allah schept wat Hij wil.
Wanneer Hij iets besluit,
dan zegt Hij er alleen maar tegen: 'Word!' en het is er.
En Hij zal hem Isa het Boek, de Wijsheid, de Taurat (Tora)
en de Indjiel (het Evangelie) onderwijzen.
Als brenger van de boodschap zal hij aan de Israëlieten zeggen:
Ik ben tot jullie gekomen met een teken van jullie HEER,
dat, wanneer ik voor jullie uit klei een model van een vogel maak,
en er dan in blaas, het dan met Allah's goedvinden tot een vogel wordt;
en dat ik blindgeborenen en melaatsen genees
en doden tot leven breng met Allah's goedvinden.
En dat ik zelfs weet wat jullie eten en wat jullie in je huizen bewaren,
ook dat is een teken, als je het wilt geloven.
En ik ben gekomen om de Taurat te bekrachtigen
die er eerder was dan ik;
en, om iets toe te laten van wat jullie eerst verboden was,
ben ik gekomen met een teken van jullie Heer.
Vreest dus Allah en gehoorzaamt mij.
Het is Allah, die mijn Heer en jullie Heer is; dient Hem dus.
Dat is een betrouwbare weg."



Deze belofte aan Marjam werd later vervuld.
De Koran noemt Isa: 'Allah's Woord dat Hij aan Marjam schonk,
en een Geest die van Hem uitgaat.
Daarom wordt hij 'Masih' genoem, dat is 'Messias'
in de Bijbel: 'hij die gezalfd is; gezalfd met Gods Woord en Geest.'


Lees meer over de islam





Bijbel en kunst

Vooraf

De engel Gabriël wordt in de kunst meestal voorgesteld met lange kleren, met vleugels op zijn rug, een aureool achter zijn hoofd en een staf in de hand.
De vleugels en de staf zeggen dat hij een boodschapper is.
De aureool maakt duidelijk dat hij een boodschapper van God is.



Beeldhouwkunst

Zuid portaal van de kathedraal te Ieper

Zuidportaal Ieper

Zuidportaal kathedraal, Ieper. Foto © Chantal Leterme (2018)



Suggestie
Lees eerst het evangelie voor van deze zondag.

Laat de deelnemers verwoorden wat ze op de foto zien.
(o.m. aandacht voor de vleugels van de engel, zijn rechterwijsvinger die naar omhoog wijst,
Maria die een boek in haar handen heeft - in middeleeuwse werken is dit een gebedenboek;
Daarnaast wordt ook de ontmoeting van Maria en Elisabet afgebeeld.
De beschermende houding van hun handen op de buik verwijst ernaar dat beide vrouwen zwanger zijn.
Achter het hoofd van deze personen is telkens een aureool (hierin herken je het woord aura - uitstraling).

Laat de deelnemers staan zoals de engel, en dan zoals Maria.
- Wat zei de engel?
- En wat zei Maria?

Bespreek: zou je reageren zoals Maria? Waarom of waarom niet?



Belangrijk
Als je naar illustratiemateriaal zoekt, doe je er goed aan met zorg uit te kijken naar voorstellingen van engelen: niet naïef en ook niet overdreven realistisch. Ze moeten iets oproepen van God zelf van wie ze de boodschapper zijn, zodat men deze betekenis met engelen associëren.





K. DIMOULIS

De engel van de maagd

C.LETERME 2022 DSC03351

Foto © Chantal Leterme (2022)


Werk van de Griekse kunstenaar Konstantinos Dimoulis, uitgevoerd in Parnon marmer.
Eerste marmer-beeldhouwkunst-symposium in Naflio (2022 - Peloponesos - Griekenland).





Schilderkunst

Icoon

De aankondiging (Ohrid)

5 Ohrid

Wat voorafgaat aan het gebeuren dat op deze icoon wordt afgebeeld: Joachim en Anna, de ouders van Maria, hebben haar in de tempel opgedragen uit dankbaarheid voor haar geboorte. Dit is gebaseerd op het Proto-Evangelie van Jakobus. Dit gebeuren wordt in de Kerk gevierd op 21 november (Maria opdracht / Maria presentatie) omdat het duidelijk maakt dat Maria helemaal aan God was toegewijd.



Op deze icoon worden drie figuren voorgesteld:
De aartsengel Gabriël
Gabriël - een en al beweging - komt uit de hemel, de plaats waar God 'woont'. Dat een engel geen mens is wordt duidelijk door de transparante kleding en de vleugels. In zijn handen draagt hij de staf van een bode, omdat hij een boodschapper is.
Met zijn rechterarm maakt hij duidelijk dat hij iets te zeggen heeft. De houding van zijn hand is ook die van een priester die zegent, die het goede toezegt (bene - dicere) in naam van God.

De Moeder Gods
De Moeder Gods zit op een troon. Zij nijgt haar hoofd naar de engel en beluistert hem terwijl ze wol spint - te zien in haar linkerhand. Ze kreeg van de hogepriester de opdracht om die wol te spinnen voor het maken van het voorhangsel van de tempel (apocrief evangelie).
Met haar rechterhand drukt ze uit dat ze de engel verstaat.
Op sommige iconen laat Maria de wol vallen. Zo toont de iconograaf dat Maria verbaasd is om wat ze hoort. Met haar rechterhand drukt ze uit dat ze de engel verstaat

De Heilige Geest
Bovenaan de icoon is een stukje te zien van een grote zwarte cirkel, die God oproept. Want God zelf kan niet afgebeeld worden, omdat niemand Hem ooit heeft gezien. Uit die cirkel gaat een straal in de richting van de Moeder Gods. Die straal valt uiteen in drie stralen, die verwijzen naar de Heilige Drievuldigheid. Soms is in die straal ook een duif te zien, een uitdrukkelijke verwijzing naar de heilige Geest (zie: Doopsel van Jezus).



Merk op
. het omgekeerde perspectief. Zo maakt een icoon duidelijk dat de wereld van God anders is dan die van de mensen, omdat er andere waarden in belangrijk zijn.
. Het vele goud dat verwijst naar God.
. De rode gedrapeerde stof die duidelijk maakt dat het gebeuren zich binnen afspeelt.
. Het drietal donkere balkjes die over de icoon verspreid zijn, zijn stukjes van de icoon die niet werden aangepakt bij de restauratie, zodat men een idee heeft van hoe de icoon er lange tijd uitzag.




Carskie Wrota Mhistoryczne
In de Oosterse Kerken krijgt deze icoon een centrale plaats op de iconostase: ze is er een onderdeel van de Koninklijke Deuren. De engel wordt op de ene deur afgebeeld, de Moeder Gods op de andere deur. Gesloten verwijzen de deuren naar de aankondiging van de geboorte van Jezus. Geopend kijken ze uit op het altaar, waar Jezus onder de gedaante van brood en wijn dicht bij de gelovigen staat.
Op die deuren staan ook de vier evangelisten die met hun teksten Jezus dicht onder de mensen brengen.





A. DA MESSINA

De aankondiging (1475)

5 Antonello Da Messina 035

Olieverf op doek, 45 x 34,5 cm
Palermo, Galleria Regionale della Sicilia di Palazzo Abatellis


De Italiaanse kunstschilder Antonello da Messina, (Messina 1430-1479) behoorde tot de Italiaanse renaissance (Quattrocento). Hij was in Italië een van de eerste die olieverf gebruikte.





Muziek

SCHUBERT

Ave Maria (1825)
Andrea Bocelli zingt het Ave Maria, de Latijnse woorden van het 'Wees Gegroet' in het Colosseum te Rome.





Suggesties

Kleine kinderen

Gesprek: goed nieuws

(Zonnekind 12 2003-2004)

- Kreeg jij al eens bijzonder nieuws? Wanneer?
- Wat gebeurde er toen?
- Wat voelde je toen?
(Bijvoorbeeld: ik was erg geschrokken; ik was heel bang; ik wist niet of ik blij of verdrietig moest zijn;
ik was teleurgesteld; ik was verrast, ik was heel blij...)
Elk kind denkt hierover eerst na in stilte na. Daarna tekenen ze waar ze aan denken.
Nadien vertellen de kinderen aan elkaar wat er gebeurde.



Geboortekaartje

Vooraf
. Knip wat dikker papier in een formaat dat geschikt zou kunnen zijn als geboortekaartje
. Kleurpotloden en/of kleurstiften
. 'Jezus' in letters die de kinderen gemakkelijk kunnen natekenen.


Verloop
Vertel het evangelieverhaal.
Laat de kinderen daarna zelf een geboortekaartje tekenen.
Laat ze ook de naam 'Jezus' op het kaartje schrijven.





Grote kinderen

ONDERZOEKEN

Namen

(C. LETERME in Simon Plus, uitgeverij Averbode, 2011 nr 3)

Vooraf
Vraag de kinderen om thuis te vragen:
- Waarom kreeg ik precies de naam die ik heb?
- Weet je wat de betekenis is van mijn naam?
(Indien men niet zo direct de betekenis van hun naam kent, kunnen ze dat misschien samen met iemand thuis opzoeken op het internet.)


Verloop
De kinderen vertellen in een kring aan elkaar waarom ze hun naam gekregen hebben.
Noteer zelf al die redenen, zodat je ze nadien kunt samenvatten.
(Verwacht hierbij antwoorden als: een mooi klinkende naam, de naam van iemand die we sympathiek vinden...)

De kinderen vertellen ook de betekenis van hun naam.
- Wat heb je eraan om die betekenis te kennen?
- Verandert dat iets aan jou?
- Wie geeft daar een voorbeeld van?

Lees de tekst uit het evangelie van Lucas voor.
Laat de kinderen dit verhaal opnieuw vertellen.
- Welke naam moest Maria van de engel Gabriël aan haar kindje geven?
- Waarom moet Maria precies deze naam geven? Is het omdat ................(vermeld hier de redenen die de kinderen thuis te horen hebben gekregen)?



Namen en titels

(C. LETERME in Simon Plus, uitgeverij Averbode, 2011 nr 3)

NAMEN
De namen die joodse ouders aan hun kinderen gaven, hadden allemaal een betekenis. Ook nu geven joodse ouders hun kinderen een naam met een betekenis.

De naam Jezus betekent: ‘God bevrijdt of God redt’.
Als je weet dat de naam van iemand ook een opdracht in zich draagt ...
- Wat was dan de opdracht van Jezus?
- Heeft Hij die opdracht vervuld?

Vertel uit een kinderbijbel over Bartimeüs, Lazarus, Zacheüs, een verlamde man. Daarin zoeken de kinderen op hoe Jezus reddend optreedt.


Correctiesleutel

BartimeüsJezus zorgt ervoor dat hij terug kan zien - Bartimeüs wordt opgenomen in de groep leerlingen.
LazarusJezus gaf hem opnieuw het leven.
ZacheüsZacheüs werd in zijn stad uitgestoten omdat hij voor de Romeinen werkte. Jezus noemde hem een vriend.
Verlamde manJezus zorgde ervoor dat die man opnieuw kon gaan, opnieuw volwaardig kon opgenomen worden in zijn omgeving.




TITELS
Sta met de kinderen stil bij hoe mensen elkaar nog aanspreken thuis, op hun werk, op school, jeugdbeweging ...
Bijvoorbeeld: Jongen, meisje, kapoen, welp, schat, lieveling, baas, juf, meester, directeur ...
Al die woorden zeggen iets meer over de persoon die zo aangesproken wordt.

Ook voor Jezus gebruikte men allerlei titels:
Mensenzoon, Redder, Zoon van God, Messias, lam van God, Licht van de wereld.
Sommige van die titels zijn erg vreemd. Dat komt omdat de tijd waarin ze aan Jezus gegeven werden een heel andere tijd was dan de onze nu.
Ga met de kinderen dieper in op de laatste titel: 'Licht van de wereld'
- Waarom zouden mensen dat van Jezus kunnen zeggen?
- Hoe was Jezus 'een licht' voor: Bartimeüs, Lazarus, Zacheüs, een verlamde man?

Laat de kinderen voor elkaar zo'n titel zoeken.





KENNISMAKEN MET DE BIJBELTEKST

Goed nieuws voor Maria

(Naar Simon, uitgeverij Averbode, 2006 nr 8, p. 9)

Maria is verloofd met Jozef, de timmerman.
Binnenkort gaan ze trouwen en samenwonen.
Maar op een dag …

De engel Gabriël, de boodschapper van God,
gaat binnen in het huis van Maria.
- Goedendag, Maria, zegt hij,
God houdt van jou en Hij is bij jou.
Maria is er helemaal ondersteboven van.
Ze vraagt zich af wat de engel bedoelt.
De engel gaat verder:
- Je moet niet bang zijn, Maria
want God heeft je zijn genade gegeven.
Je zult zwanger worden.
Je zult een zoon krijgen en je moet Hem Jezus noemen.
Hij zal een groot man worden.
De mensen zullen hem Zoon van God noemen.
Hij zal het volk van God voor altijd leiden.

Maria vraagt aan de engel:
- Hoe kan ik zwanger worden?
Ik ben nog niet eens met een man naar bed geweest?’
De engel antwoordt:
- De Heilige Geest van God zal over je komen.
Daarom zal het kind Zoon van God worden genoemd.
En hij zegt ook:
- Je nicht Elisabet, die geen kinderen kon krijgen is al zes maanden zwanger,
ondanks haar hoge leeftijd. Want voor God is niets onmogelijk.
Dan zegt Maria:
- Ik sta klaar voor God. Laat alles maar gebeuren zoals je gezegd hebt.
Dan gaat de engel van haar weg.





EVEN TESTEN

Waar of niet waar

(Naar: Simon magazine 2, 2018-2019 p. 5)

Uitspraken WAARNIET WAAR
De engel Michaël verscheen aan Maria. X
Maria was verloofd met Jozef.X
Jozef was familie van koning David.X
De engel zei tegen Maria: 'Je bent de ongelukkigste van alle vrouwen.' X
Maria wist niet wat de woorden van de engel betekenden.X
De engel zei: God heeft je uitgekozen om moeder te worden van een zoon.X
Maria moest haar zoon Jozef noemen. X
Maria wilde doen wat God van haar verlangde.X




Invullen: Maria zal een kindje krijgen

Vul in de zinnen de goede woorden in: Jezus, God, Maria, zoon

Een bode van .......... komt bij Maria.
'Wees gegroet', zegt de bode.
'Wil jij de moeder worden van een ...............?
Hij zal ............... heten.
God zal heel veel van Hem houden.
'Ja', antwoordt ..............
'Wat God aan mij vraagt, zal ik doen'

- Welk woord moet je tweemaal gebruiken?



Invullen: Maria zorgt voor haar nicht

(Zonnestraal 8/9-98)

Vul de volgende woorden in op de goede plaats:
hulp - Elisabet - mensen - engel - Nazaret - God - zoon - zorgen

De ..............Gabriël komt bij Maria.
Hij is door ................. gezonden.
Hij zegt: 'Je zult een ....................... krijgen.
Hij zal de verlosser van de ..........................zijn.'
De engel zegt ook dat .................... een kindje verwacht.
Elisabet is de nicht van Maria.
Maria denkt: 'Ik zal voor mijn nicht ....................................
Elisabet is al wat ouder en kan mijn ........................best gebruiken.
En Maria gaat op weg van ....................... naar de stad
waar Elisabet woont.
Ze blijft er drie maanden.





VERDIEPEN

De naam Jezus

Stel je voor ... Jezus is zijn naam kwijt. Gelukkig zijn de dieren zijn naam niet vergeten. Vijf dieren, waarvan de naam begint met een letter J, E, Z, U of S komen bij Hem en geven die eerste letter. Zo krijgt Jezus opnieuw zijn naam.

De kinderen (vanaf tien jaar) zoeken naar dieren waarvan de eerste letter begint met een letter uit de naam Jezus.
Bijvoorbeeld:
J: jaguar, jakhals ...
E: ezel, egel, eend, eekhoorn ...
Z: zwaluw, zebra, zeehond ...
U: uil ...
S: schaap, schildpad ...

Ze kiezen voor elke letter één dier. Ze zoeken naar de eigenschappen van dat dier en verwoorden op welke manier Jezus die eigenschappen ook heeft.





INLEVEN

Uitbeelden: Een engel van God brengt goed nieuws

Vooraf
Kopieer de volgende tekst:

Maria is een jonge vrouw.
Zij woont in Nazaret, een stad in Galilea.
Zij gaat trouwen met Jozef.

Een engel van God gaat naar het huis van Maria.
Hij zegt: Wees gegroet Maria. God is met jou.

De engel vraagt: Maria, wil jij de mama van Jezus worden?
Men zal Hem de Zoon van God noemen.

Maria is verwonderd:
Hoe kan dat? Ik ben nog niet getrouwd!

De engel antwoordt:
Wees niet bang. De Geest van God komt over jou.

Maria zegt:
Laat met mij gebeuren wat je zegt. Ik wil God dienen.



Verloop
Laat de kinderen de woorden onderstrepen die ze niet goed begrijpen en bespreek ze.
Laat ze dan met een fluorescerende stift de verschillende dialogen aanduiden:
met geel wat Maria zegt, met oranje wat de engel zegt.
Vervolgens lezen ze de dialogen en/of beelden ze uit.
(Drie rollen: de verteller, Maria en de engel)
Bespreek de rol van Maria:
- Wat vind je van Maria?
- Zou je ook zo reageren? Wat zou jij zeggen? Waarom?

Eindig met een gebed tot Maria of laat de kinderen in eigen woorden tot Maria bidden.





BIDDEN

Bidden tot Maria

De kinderen spreken in eigen woorden tot Maria.
Of:
Ze maken een eigen gebed waarbij elke nieuwe zin begint met een andere letter van de eigennaam van Maria:
M ........................................

A ........................................

R ........................................

I ........................................

A ........................................



Jouw naam

(Katia Van Cleynenbreugel)

Een boei kan mij redden
als ik bijna verdrink.
Een lichtje kan mij redden
als ik in het donker de weg
niet meer vind.

Jezus, jouw naam betekent:
'God redt'

Als ik naar iemand toestap
die alleen staat,
red ik hem ook een beetje.
Dan doe ik
wat jij zo vaak deed, Jezus.

Want
iemand redden
is als een lichtje zijn.





Overwegingen

Marga Haas

De minste dienares (bij Lucas 1,38 en 1, 48)

(M. Haas, Parelduiken in de Bijbel, 14 december 2023)

‘Hij heeft oog gehad voor mij, zijn minste dienares’, zingt Maria in haar loflied. Het roept wrevel bij mij op en ik schrijf mijn weerstand eerst maar eens van me af. Is dat niet een beetje té nederig, ‘minste dienares’? Waarom zou je je zo klein maken? Jezelf ‘dienares’ noemen vind ik al te ver gaan. Ik heb tenminste geen zin om ten dienste te staan van iets of iemand anders. Laat mij mijn eigen leven maar leiden. Ik ben geen slaaf! En dan maakt Maria daar nog eens ‘minste dienares’ van. Je mag het mooi vinden, maar ik snap daar echt helemaal niets van.

Zoals altijd: waar ik weerstand voel, daar zit iets. ‘Ik ben geen slaaf’, roep ik verontwaardigd uit. Maar is dat zo? Leef ik vrij en zonder enige slavernij? Hm … Ik houd best vaak rekening met wat ik denk dat anderen denken of verwachten en doe dingen zó, dat ik denk dat zij het goed zullen vinden. Ik denk ook vaak dingen die mij me beter doen voelen dan een ander. En ik probeer nogal eens mijn gelijk te krijgen. Als ik niet oplet, ben ik dus behoorlijk dienstbaar, eigenlijk – aan mijn behoefte aan bevestiging, aan mijn hoogmoed, aan mijn trots.

Eigenlijk is de vraag niet of ik dienstbaar wil zijn of niet, maar: aan wie ik dienstbaar wil zijn. Aan wie wil ik gehoorzaam zijn, naar welke stem wil ik luisteren? Naar de stem in mij die wil dat ik me vergelijk met anderen? Naar de strenge stem die mijn gedrag langs een ethische meetlat legt? Naar de stem die precies weet wat wel en niet door de beugel kan volgens anderen?

Het is Maria die me op weg helpt. Een paar verzen voordat ze haar loflied zingt, zegt ze namelijk: ‘God wil ik dienen.’ Maria weet dat ze moet kiezen. Er zijn vele stemmen waar ze naar zou kunnen luisteren, maar nu zegt ze: al die andere stemmen mogen tot zwijgen komen; ik luister alleen naar God. De stem van de Liefde, die fluistert in mijn hart.

Als ik mezelf beter bekijk, moet ik bekennen dat ik altijd ten dienste sta aan iets – angst, mijn verlangen gelijk te krijgen of iets anders. Als ik dan toch dienstbaar ben, kan ik dan maar niet beter een diepe innerlijke buiging maken voor de Liefde, voor het leven zelf? Kan ik dan niet beter ruimte maken voor God? Als ik érgens kans maak om niet tot slavernij te vervallen, maar om vrij te zijn – dan dáár.





Frans Mistiaen s.j. 

Voor God is niets onmogelijk

Kerstmis staat weer voor de deur.
God, die Liefde is, wil weer geboren worden
op onze aarde, in ons hart.
Is het wel mogelijk? Is het wel mogelijk dat de Liefde
dit jaar weer komt wonen in onze wereld van 2014,
met alles wat er is gebeurd:
die slecht verdeelde besparingen in ons land,
die wreedheden begaan door extremistische groeperingen
in Irak en Nigeria,
en die kortzichtige ruzies in ons eigen kleine mensenhart.
Kan het nog wel dat God dit jaar
op onze aarde, onder ons, weer met zijn liefde geboren wordt?

Wij, gelovigen, wij durven verkondigen:
Ja, want voor God is niets onmogelijk!

Daarom brengen wij in herinnering wat Hij reeds allemaal deed:
Wie was het die, lang geleden, David, een kleine schaapherder
aanstelde tot machtige koning van Israël? Het was God die dat deed!
Wie was het die, lang geleden,
een eenvoudig meisje uit Nazaret uitnodigde
moeder te worden van Zijn Zoon? Het was God die dat deed!
Hij onze God, Hij doet wondere dingen aan ons, kleine mensen.
Ja, wij durven geloven dat Hij ook dit jaar weer
de heilzame geboorte van Zijn liefde in ons hart mogelijk maakt.

Inderdaad voor onze God is niets onmogelijk.
Maar, omdat Hij geen dwingende Albeheerser wil zijn,
en een God van Liefde wil blijven,
zal Hij in onze menselijke wereld niets bewerken
zonder de toestemming en de medewerking van de mensen.
Daarom blijven wij vandaag met respect en schroom stilstaan
bij die jonge, zwangere vrouw
die Gods plan beaamt en mogelijk maakt,
Maria, voorbeeld voor ons geloof.

Zoals bij haar, leeft er eigenlijk ook bij ieder van ons
een groot en diep verlangen naar dat liefde-Kind,
dat tot vrede uitnodigt in onze wereld van oorlogen en bewapening,
dat verzoening wil brengen in onze verscheurde gezinnen,
dat verdraagzaamheid aanmoedigt in ons twistzieke land
en dat ons allen inspireert tot grotere dienstbaarheid
en milde vriendelijkheid, ook voor de armen uit onze stad.
Naar dat Kind verlangen wij diep!

Alleen moeten wij het dan ook dit jaar weer laten geboren worden.
Dat kan, als wij met eenvoudige en duidelijke gebaren
de liefde weer willen binnenlaten in ons hart,
de liefde opnieuw een kans willen geven in ons leven.

In deze dagen is het goed te beseffen
dat God onder ons wil komen wonen, maar wel als een kind.
Dat betekent dat de Liefde zelf weer zo sprankelend fris wil zijn,
zo nieuw, zo hoopvol, maar dan ook zo weerloos als een kind.
En wij hebben het wel een beetje moeilijk om
dit Kind met die weerloosheid van de liefde, te aanvaarden.
Dat vraagt van ons een stuk bekering.
Maar dat leert het kerstgebeuren ons juist elk jaar opnieuw:
dat onze liefde-God geen macht wil uitoefenen, ons niet wil dwingen,
maar ons alleen kan en wil uitnodigen tot vrije wederliefde.
Zoals een pasgeboren kind dat,
gewoon door er te zijn, in al zijn weerloosheid,
diegenen die rond zijn wiegje komen staan,
uitnodigt en beweegt tot zoveel warme liefde en edelmoedige zorg.
In deze dagen vóór Kerstmis moeten wij ons afvragen
of wij echt toelaten dat de “weerloze” liefde
ons opnieuw uitnodigt tot gulle wederliefde.

Dat is de boodschap van het evangelie voor ons allen vandaag:
"Vrees niet, begenadigden! De Heer is met u!
Vrees niet, want gij hebt genade gevonden bij God!
Laat Jezus - de liefde in uw hart -
meer en meer ter wereld komen in uw leven.
Het kan! Voor God is niets onmogelijk!"