Loading...
 

Filemon 7-20

Filemon 7-20: Een vraag voor Filemon

De tekst

’Bijbel in gewone taal’

(Deze Bijbeltekst komt uit de Bijbel in Gewone Taal, © Nederlands Bijbelgenootschap 2014, p. 1907-1908)

Vriend, door jou ben ik blij en vol goede moed. Want jij houdt van de andere christenen, en je geeft hun steeds nieuwe kracht.

Ik wil je iets vragen. Ik wil graag dat je iets voor mij doet. Als dienaar van Christus kan ik natuurlijk tegen je zeggen: ‘Je moet het doen!’ Maar omdat ik van je houd, wil ik het je liever vragen. Doe het voor mij. Ik ben een oude man, en ik zit in de gevangenis vanwege mijn werk voor Jezus Christus.

Filemon, mijn vraag aan jou gaat over Onesimus, de slaaf die bij jou weggelopen is. Hij is christen geworden, en ik houd van hem alsof hij mijn eigen kind is. Dat is allemaal gebeurd terwijl ik in de gevangenis zat vanwege het goede nieuws.
Een tijdlang heb jij helemaal niets aan Onesimus gehad. Maar nu kan hij heel nuttig voor je zijn, net zoals hij dat voor mij geweest is. Ik houd veel van hem, toch stuur ik hem naar jou terug.
Het liefst had ik hem hier gehouden, om voor mij te zorgen in de gevangenis. Dan had hij mij namens jou kunnen helpen. Maar het zou niet goed zijn als jij daar niets van wist. Want als je mij wilt helpen, moet je daar zelf voor kiezen. Alleen dan doe je echt iets goeds. Daarom stuur ik Onesimus nu naar je terug.
Je hebt je slaaf een tijdlang moeten missen. Maar misschien was dat juist goed. Want nu krijg je hem voor eeuwig terug! En je krijgt hem niet terug als slaaf, maar als iemand die veel meer is dan je slaaf. Hij is nu je vriend, iemand die net als jij in Jezus Christus gelooft. Hij is hier voor mij een echte vriend, als mens en als christen. Dan moet hij dat toch zeker ook voor jou zijn!

Als christen ben je toch met mij verbonden? Doe dan alsjeblieft wat ik je vraag: ontvang Onesimus bij je thuis zoals je mij zou ontvangen.

Als christen ben je toch met mij verbonden? Doe dan alsjeblieft wat ik je vraag: ontvang Onesimus bij je thuis zoals je mij zou ontvangen. En als hij iets van je gestolen heeft, of als hij je nog geld schuldig is, zeg het me dan. Ik, Paulus, zal alles betalen. Ik schrijf deze woorden zelf, zoals je aan het handschrift kunt zien.
Trouwens, dankzij mij ben jij gaan geloven. Jij bent mij dus ook heel veel schuldig. Maar daar zal ik het nu maar niet over hebben!
Vriend, ik hoop dat je zult doen wat ik je vraag. Dan zul je mij weer nieuwe kracht geven. Doe het voor onze Heer Jezus Christus.



Dichter bij de tijd

(Bewerking: C. Leterme)

''In de gevangenis werd Paulus geholpen door Onesimus. Hij was een slaaf die van zijn meester was weggelopen. Misschien had hij zijn meester wel bestolen. Op een dag schreef Paulus een brief naar Filemon, de vroegere baas van Onesimus, om te vragen hem opnieuw op te nemen:


Broeder, ik ondervond al veel vreugde en troost van de liefde
waarmee je het hart van de christenen gesterkt hebt.
Daarom, al heb ik in Christus alle recht je op je plicht te wijzen,
wil ik eerder een beroep doen op je liefde.
Hij die je schrijft is Paulus, een oud man,
Daarbij nu ook een gevangene van Christus Jezus,
en ik vraag je iets voor Onesimus.
Hij was voor jou in het verleden bijzonder weinig nuttig,
maar nu zeker wel, zowel voor jou als voor mij.
Ik stuur hem naar je terug en met hem heel mijn liefde.
Eigenlijk hield ik hem graag hier,
zodat hij voor mij als je plaatsvervanger
zou kunnen zorgen in mijn gevangenschap voor het evangelie.
Maar ik wil niets doen zonder je instemming, ik wil niets afdwingen,
je goedheid moet zich spontaan kunnen uiten!
Misschien was hij daarom een tijd lang weg geweest bij je:
zodat je hem nu voorgoed terug kunt krijgen,
nu niet meer als slaaf, maar als veel meer dan een slaaf:
als een geliefde broeder, want dat is hij voor mij helemaal,
en zeker nog meer voor jou, als mens en als christen.
Als jij je met me verbonden voelt, verwelkom hem dan alsof ik het ben.
En mocht hij je schade berokkend hebben of iets schuldig zijn,
zet dat dan maar op mijn rekening.
Hier is mijn handtekening: Paulus, ik zal betalen …
Of laten we zeggen: zet het dan maar op je eigen rekening.
want je bent me toch al jezelf schuldig!
Kom broeder, laat me een beetje van je profiteren – in de Heer dan!
Stel mijn hart gerust omwille van Christus.



Stilstaan bij ...

Filemon
Iemand die door Paulus tot het christendom bekeerd werd. Hij stelde zijn huis te Kolosse (vermoedelijk) beschikbaar voor de bijeenkomsten van de christenen.

Onesimus
(= ‘nuttig’)
De naam 'Onesimus' werd vaak aan slaven gegeven. In deze brief is Onesimus de naam van een slaaf die bij Filemon wegliep. Hij zocht zijn toevlucht bij Paulus, die hem tot het christendom bekeerde.



Bij de tekst

De brief van Paulus aan Filemon

Dit is het kortste briefje dat van Paulus bewaard is. Hij schreef het toen hij in de gevangenis zat (58-60) Traditioneel denkt men dat Paulus dan in Rome verbleef. Maar sommigen denken dat het Efeze was. Dit zou meer overeenkomen met de afstanden die in de brief gesuggereerd worden.
In deze brief vraagt Paulus aan Filemon om mild te zijn tegenover Onesimus die wegliep en suggereert hij Filemon om zijn slaaf de vrijheid te schenken, want Onesimus is nu ook een christen zoals Filemon dat is.
Dit briefje laat een heel andere kant van Paulus zien dan men gewoon is. Hij komt over als een tactvol diplomatisch man, die zijn vriend om een gunst vraagt.



Slavernij

In de tijd dat Paulus zijn brief aan Filemon schreef, was slavernij heel gewoon. Daarom verzet Paulus zich in deze brief niet tegen slavernij. Zo waren er heel veel slaven in belangrijke steden van het Romeinse rijk.
Wie slaaf was, had bijna geen rechten. Een slaaf die zijn werk niet goed deed of probeerde weg te lopen, werd geslagen, mishandeld of zelfs gedood.
Merk op dat Paulus zich in deze brief niet verzet tegen de slavernij. Voor hem waren alle mensen gelijk of ze nu slaaf waren of niet.





Suggesties

Grote kinderen

KENNISMAKEN MET DE BIJBELTEKST

Een weggelopen slaaf

(K. JANSSEN in Overhoop, 2009, nr 12, p. 30-31)

Paulus herkent niet meteen de stem van de man die hem groet als hij zijn huis binnenkomt. Sinds hij toestemming heeft om bezoek te ontvangen, komen er elke dag mensen langs. Maar als hij dichterbij komt, schiet de naam hem opeens te binnen.
'Onesimus!' roept hij uit. 'Wat in godsnaam doe jij hier? En waar is je meester Filemon?'
Onesimus kijkt naar beneden. 'Ik ben weggelopen', zegt hij.
'Wat?' zegt Paulus. 'Weggelopen bij je meester Filemon? Waarom doe je zoiets? Je meester is christen. Je had het een stuk slechter kunnen treffen!'
'Ik heb gehoord wat jij vertelde toen je bij ons in Kolosse was', zegt Onesimus. 'Dat er voor Jezus geen onderscheid meer is tussen vrije mensen en slaven. En daarom wil ik geen slaaf meer zijn.'
'En dus ben jij maar weggelopen?' roept Paulus verbaasd uit.
'Heb jij mij dat soms horen zeggen?'
Onesismus schudt zwijgend zijn hoofd. 'Was het dan niet waar wat je zei? vraagt hij.
'Natuurlijk wel!' zegt Paulus. 'Wie in Jezus gelooft, maakt geen verschil meer tussen mensen: slaven en vrijen, Joden en Grieken, mannen en vrouwen. Ze zijn allemaal evenveel waard in de ogen van God! Maar dat ben je ook zonder weg te lopen! Hoe ben je trouwens hier geraakt? Had je geld voor de reis? Of heb je dat ook nog van je meester gestolen?'
Onesimus antwoordt niet.
Paulus slaat een arm om hem heen.
'Luister, het is nu eenmaal gebeurd. Blijf voorlopig maar bij mij; ik kan je hulp hier goed gebruiken. Over een poosje zal ik een brief schrijven aan je meester Filemon. Het komt allemaal wel goed.'

Beste Filemon,

ik schrijf je met vredewensen in de naam van Jezus voor jou, je vrouw Apfia en je zoon Archippus. Doe ook veel groeten aan allen die in jouw huis samenkomen.

Ik stuur je deze brief mee met Onesimus, die hier voor mij tijdens mijn huisarrest een grote steun is geweest. Eigenlijk kan ik hem bijna niet missen, maar toch vind ik dat hij naar jou moet teruggaan. Hij is weggegaan als een slaaf, en nu komt hij terug als een broer in Christus. Dat is op zich al een cadeau! Misschien is het nu jouw beurt om cadeaus uit te delen. Als je het goed bekijkt, ben je mij zelfs je leven schuldig, want ik heb je bij Jezus gebracht. Dus alles wat Onesimus jou schuldig is, schrijf je maar op mijn rekening! Ik ben er zeker van dat je hem met open armen ontvangt, en meer dan dat! Dus wees alsjeblieft niet te hard voor hem en vergeef hem wat hij fout heeft gedaan.
Zodra ik weer vrij ben om te gaan waar ik wil, ben ik van plan om je op te zoeken. Ik kan haast niet wachten tot het zover is.
Groeten van iedereen hier, en tot binnenkort,

Paulus






INLEVEN

Schrijven over Onesimus

Materiaal
Klik hier voor een blad met negen tekeningen over het verhaal.
Lijm, papier, schrijfgerei.


Verloop
De kinderen Maken eerst kennis met Filemon, Onesimus en Paulus.
Daarna knippen ze de illustraties uit het blad, kleven ze op een nieuw blad en schrijven op hun manier het verhaal van Onesimus bij de tekeningen. Ze schrijven er ook bij hoe ze denken dat dit verhaal afloopt.


Variatie
De kinderen herschrijven het verhaal via tekstballonnen.



Wat denken ze?

Er zijn drie personen (Paulus, Onesimus en Filemon) van wie we zouden willen vernemen wat ze denken:

PaulusWat denkt hij bij het schrijven van zijn brief aan Filemon?
FilemonWat denkt hij als hij de brief van Paulus krijgt?
OnesimusWat denkt hij als hij op de deur klopt van het huis van Filemon?




Schrijven / Mailen naar Paulus

We weten niet hoe het is afgelopen.
Waarschijnlijk kwam Onesimus met de brief terug bij Filemon.
- Hou zou die gereageerd hebben?
Kruip even in de pen /PC van Filemon en schrijf terug:
Paulus,
.......................





Jongeren

ONDERZOEKEN

Gesprek

(K. JANSSEN in Overhoop, 2009, nr 12, p. 31)

Slavernij bestaat niet meer in deze tijd. Maar in de tijd van Paulus kwam het vaak voor dat rijkere mensen een of meer slaven hadden, die hun eigendom waren.
Toch droomden ook toen de slaven van vrijheid!
- Kun je begrijpen wat Onesimus gedaan heeft?
- Wat vind je van de reactie van Paulus?