Loading...
 

Marcus 8, 14-21

2 C. Leterme (Meer Van Galilea (2012)
Meer van Galilea - Foto © Chantal Leterme (2012)


...page... Wiki page pagination has not been enabled.

Marcus 8, 14-21: De leerlingen begrijpen er niets van

Marcus 8, 14-21 // Matteüs 16, 5 -12



De tekst

’Bijbel in gewone taal’

(Deze Bijbeltekst komt uit de Bijbel in Gewone Taal, © Nederlands Bijbelgenootschap 2014, p. 1582)

De leerlingen waren vergeten om eten mee te nemen. Ze hadden maar één stuk brood bij zich in de boot. Jezus waarschuwde hen. Hij zei: ‘Pas op voor de gevaarlijke invloed van de farizeeën en van Herodes.’
Maar de leerlingen bespraken intussen met elkaar dat ze geen eten hadden. Toen Jezus dat merkte, zei hij: ‘Waarom bespreken jullie met elkaar dat je geen eten hebt? Hebben jullie er dan niets van begrepen? Jullie lijken wel blind! Jullie hebben ogen, maar jullie zien niets. Jullie hebben oren, maar jullie horen niets. Laatst verdeelde ik vijf broden onder vijfduizend mensen. Zeg eens, hoeveel manden hebben jullie toen opgehaald met brood dat over was?’ De leerlingen zeiden: ‘Twaalf manden.’ Jezus zei: ‘En later verdeelde ik zeven broden onder vierduizend mensen. Zeg eens, hoeveel manden vol brood hebben jullie toen opgehaald?’ Ze zeiden: ‘Zeven.’ Toen zei Jezus: ‘Jullie zouden het nu toch moeten begrijpen!’



Dichter bij de tijd

(Bewerking: C. Leterme)

De leerlingen waren vergeten
om genoeg brood mee te nemen.
Zo kwam het dat ze in de boot
maar één brood bij zich hadden.
Jezus waarschuwde hen:
‘Pas op, hoed je
voor de zuurdesem van de Farizeeën
en voor de zuurdesem van Herodes.’

Ze hadden het er met elkaar over
dat ze geen brood hadden.
Toen Jezus dit merkte, vroeg Hij:
‘Waarom praten jullie erover
dat je geen brood hebt?
Begrijpen jullie het dan nog niet,
en ontbreekt het jullie aan inzicht?
Zijn jullie dan zo hardleers?
Hebben jullie dan ogen die niet zien?
Hebben jullie dan oren, die niet horen?
Weten jullie dan niet meer
hoeveel manden vol stukken brood
jullie hebben opgehaald
toen Ik vijf broden brak
voor vijfduizend mensen?’
‘Twaalf’, antwoordden ze.
‘En toen Ik zeven broden brak
voor vierduizend mensen,
hoeveel manden vol stukken brood
hebben jullie toen opgehaald?’
‘Zeven’, antwoordden ze.
Toen zei Hij: ‘Begrijpen jullie het dan nog niet?’



Stilstaan bij …

Zuurdesem
In deze context: beeld voor een klein maar funest beginsel van bederf. In dit geval: het beramen van plannen om Jezus uit de weg te ruimen.

Herodes
Herodes Antipas was de zoon van Herodes de Grote, die grote bouwwerken in zijn land liet uitvoeren, maar tegelijk een wrede heerser was. Over hem schreef Matteüs dat hij de kinderen in Betlehem liet vermoorden.
In deze context bedoelt Jezus met Herodes waarschijnlijk de Herodianen, ‘aanhangers van Herodes’ die nogal gunstig stonden tegenover de Romeinse bezetters en hun wetten.
De Herodianen wilden het vroegere rijk van koning Herodes de Grote herstellen en maakten er geen probleem van om eventueel overeenkomsten te sluiten met de Romeinen als hun dat dichter bij die wens bracht.





Suggestie

Jongeren

Negen vragen

1. Waarom praten jullie erover dat je geen brood hebt?
2. Begrijpen jullie het dan nog niet?
3. Ontbreekt het jullie aan inzicht?
4. Zijn jullie dan zo hardleers?
5. Hebben jullie dan ogen die niet zien?
6. Hebben jullie dan oren, die niet horen?
7. Weten jullie dan niet meer hoeveel manden vol stukken brood jullie hebben opgehaald toen Ik vijf broden brak voor vijfduizend mensen?’
8. Toen Ik zeven broden brak voor vierduizend mensen, hoeveel manden vol stukken brood hebben jullie toen opgehaald?’
9. Begrijpen jullie het dan nog niet?

De meeste vragen gaan over het 'niet begrijpen' van de leerlingen.
- Wat begrijpen ze niet, volgens jou?

Een hint …
De eerste vraag staat stil bij 'brood'. Ook de vragen 7 en 8 gaan over brood.

Nog een hint …
Brood is al heel lang en nog altijd voor veel mensen basisvoedsel. Als Jezus van zichzelf zegt dat Hij 'brood' is, dan wil Hij daarmee zeggen dat Hij voor de mensen ALS brood is. Dat Hij in het leven van mensen net zo belangrijk is als brood in hun leven.

Herlees nu alle vragen die Jezus stelt en probeer er met eigen woorden een antwoord op te geven.