Vieringen
Een heel oud gebed
Bij het begin van een eucharistieviering, na de schuldbelijdenis of ermee verweven, wordt het 'Heer, ontferm U' of 'Kyrie, eleison' gebeden.
In een woord- en communiedienst zonder priester op zondag komt dat gebed nà de geloofsbelijdenis en wordt het ‘gebed om verzoening en vrede’ genoemd, want dit gebed wordt gevolgd door de vredewens.
Het ‘Heer, ontferm U’ of het ‘Kyrie, eleison’ is een heel oud gebed. Dat is te zien aan de Griekse woorden 'Kyrie, eleison', de taal van de meeste eerste christenen. Een taal in de oudheid die te vergelijken is met het Engels nu.
Ontferming
Veel mensen kennen de betekenis van de woorden 'Heer, ontferm U' en 'Kyrie, eleison' niet meer. Daarom wordt ‘ontfermen’ in de catechese en in kinderbijbels gemakkelijk vervangen door:
. medelijden / mededogen / (erbarmen) hebben met iemand
. iemand vergeving schenken / gunnen / (genadig zijn)
. iemand helpen in een moeilijke situatie
. goed / barmhartig zijn voor iemand
. voor iemand zorgen
. redding brengen aan wie lijdt
In de Bijbel gaat het bij ontferming om:
. iemand die hulp nodig heeft
. iemand die om genezing of hulp vraagt voor zichzelf of voor iemand anders
. iemand die hulp biedt
Wie bidt: ‘Heer, ontferm U’, vraagt niet alleen om medelijden, maar ook om actieve hulp, redding of genezing van God. Daarom is ‘ontfermen’ moeilijk met één woord in het Nederlands weer te geven.
'Heer/Kyrie'
Heer/Kyrie is de titel die in het Oude Testament gebruikt werd voor God en in het Nieuwe Testament voor Jezus, vooral wanneer men het heeft over de verrezen Jezus Christus (de Gezalfde, de Messias).
Drie delen
De drie delen van dit gebed kunnen verwijzen naar de Drie-eenheid:
De eerste ‘Heer’ = God de Vader
‘Christus’ = God de Zoon (Jezus Christus)
De tweede "Heer" = God de Heilige Geest
Wortels in de Bijbel
Oude Testament
Psalmen
Psalm 6, 3
"Heer, erbarm U (Kyrie,, eleison), mijn bloei is vergaan.”
Lees meer
Psalm 6 wordt toegeschreven aan koning David.
De context waarin de woorden ‘ontferm U /erbarm U’ voorkomen, geeft nog meer invulling aan die woorden: straf me niet, sla me niet, zorg voor me, genees me.
Psalm 51, 3
“Wees mij, God, in uw goedheid genadig (eleison), neem in uw oneindig erbarmen mijn overtredingen weg.”
Lees meer
Volgens vers 1 werd deze psalm geschreven door koning David. De psalm verwijst naar zware tekorten in het leven van David: hij maakte Batseba, de vrouw van Uria, zwanger en liet haar man doden om met haar te kunnen trouwen. (2 Samuel 11, 1-17)
Nadat de profeet Natan hem op zijn schuld wees, bad hij tot God om vergeving en vroeg hij een nieuw hart.
Psalm 123, 3
"Wees genadig Heer (Eleison Kyrie), wees ons genadig!"
Lees meer
Het Joodse volk weet zich onderdrukt door mensen met macht en hoogmoed (Assyriërs? Babyloniërs? …) die hen uitlachten en geen recht deden. Ze zochten ‘ontferming’ bij God.
Nieuwe Testament
Jezus en een Kananese vrouw
Matteüs 15, 21-28
(Bewerking: C. Leterme)
Jezus ging naar een gebied buiten Palestina.
Daar woonden mensen die niet in God geloofden.
Een vrouw uit die streek kwam naar buiten en riep luid:
'Heb medelijden met me, Heer (Eleison me, Kyrie), Zoon van David.
Mijn dochter is bezeten door een duivel en is vreselijk ziek.’
Maar Jezus reageerde niet.
Zijn leerlingen gingen naar Hem en zeiden:
‘Stuur haar weg, want ze blijft ons achterna roepen.’
Toen zei Jezus tegen de vrouw: ‘Ik ben alleen gestuurd
naar de verloren schapen van het huis van Israël,
naar de joden, die op een foute manier leven.’
Maar de vrouw kwam dichterbij,
knielde voor Hem neer en zei: ‘Heer, help me.’
Hij antwoordde: ‘Het is niet goed
dat men het brood van de kinderen afpakt
om het aan de honden te geven.
De vrouw antwoordde: ‘Dat is juist, Heer,
de honden eten alleen maar de kruimels
die van de tafel van hun baas vallen.
Daar keek Jezus van op? Hij zei:
‘Vrouw, je vertrouwen is groot.
Ik wil dat er gebeurt wat je wenst.’
Vanaf dat moment was de dochter van die vrouw genezen.
Lees meer
Jezus en een jongen die bezeten is
Matteüs 17, 14-20
(Bewerking: C. Leterme)
Toen Jezus en zijn leerlingen bij de mensen kwamen,
kwam er een man naar Hem toe.
Hij knielde voor Hem en zei:
‘Heer, zorg voor (Kyrie eleison) mijn zoon,
want hij lijdt aan vallende ziekte.
Hij is er slecht aan toe.
Hij valt dikwijls in het vuur en in het water.
Ik bracht hem bij je leerlingen,
maar die konden hem niet genezen.’
Jezus zei: ‘Wat zijn jullie toch een ongelovig volk!
Hoe lang moet Ik nog bij jullie blijven?
Hoe lang moet Ik jullie nog verdragen?
Breng de jongen bij Me.’
Onder de dwang van het woord van Jezus
ging de boze geest uit hem weg.
Op dat moment was de jongen genezen.
Lees meer
Jezus en twee blinden
Matteüs 20, 30-31
(Bewerking: C. Leterme)
Toen Jezus uit Jericho wegtrok, gingen veel mensen met Hem mee.
Langs de weg zaten twee blinden, die hoorden dat Jezus voorbijging.
Ze begonnen luid te roepen:
'Heer (Kyrie), Zoon van David, heb medelijden met ons (eleison)!’
De mensen snauwden hun toe te zwijgen.
Maar ze riepen nog harder:
'Heer (Kyrie), Zoon van David, heb medelijden met ons (eleison)!’
Jezus bleef staan, riep hen bij zich en vroeg:
‘Wat wil je dat Ik voor je doe?”
Ze zeiden: ‘Heer, open onze ogen!’
Jezus had medelijden met hen en raakte hun ogen aan.
Meteen konden ze zien en sloten ze zich bij Hem aan.
Jezus en Bartimeüs
Marcus 10, 46-52
(Bewerking: C. Leterme)
Jezus ging weg uit Jericho,
samen met zijn leerlingen en heel wat mensen.
De zoon van Timeüs zat langs de weg.
De mensen noemden hem 'Bartimeüs'.
Hij was blind en bedelde.
Ineens hoorde hij heel veel stemmen.
Hij vroeg: ‘Wat gebeurt er?’
Ze zeiden: ‘Jezus van Nazaret is hier.’
Toen Bartimeüs dat hoorde, begon hij luid te roepen:
Zoon van David, Jezus, heb medelijden met me (eleison).'
Veel mensen snauwden hem toe: ‘Zwijg! Hou je mond!’
Maar Bartimeüs schreeuwde nog harder:
'Zoon van David, ontferm Je over mij.'
Jezus bleef staan. 'Roep hem,' zei Hij.
De mensen zeiden tegen de blinde:
'Rustig, Bartimeüs, sta op. Hij roept je.'
Bartimeüs wierp zijn mantel weg, sprong recht en ging naar Jezus.
Jezus zag dat en vroeg: 'Wat kan Ik voor je doen?'
De blinde zei: 'Grote meester, zorg ervoor dat ik kan zien.'
'Ga, je vertrouwen is je redding,' zei Jezus.
Meteen kon Bartimeüs weer zien en hij volgde Jezus op zijn weg.
Lees meer
Jezus en de tien melaatsen
Lucas 17, 11-19
(Bewerking: C. Leterme)
Op zijn reis naar Jeruzalem
kwamen Jezus en zijn leerlingen in een dorp.
Daar kwamen tien melaatsen naar Hem toe.
Omdat ze niemand met hun ziekte wilden besmetten,
bleven ze op een grote afstand staan en riepen luid:
'Jezus, meester, heb medelijden (eleison) met ons'.
Toen Jezus hen zag, zei Hij: 'Laat je aan de priesters zien'.
Onderweg werden ze rein.
Eén van hen kwam terug toen hij zag dat hij genezen was.
Hij riep luid: ‘God is goed!’
Hij wierp zich neer voor de voeten van Jezus
en zei: ‘Heer, dank je wel’.
Die man was een Samaritaan.
Dan vroeg Jezus: 'Waren er geen tien gereinigd?
Waar zijn de negen anderen?
Is deze man, die geen jood is,
de enige die eraan dacht om God te eren?’
En Hij zei tegen de man die genezen was:
'Sta op en ga, je geloof heeft je gered'.
Bij de vertaling van ‘Heer, ontferm U’
Marcus 10, 47
Canisiusvertaling van de Bijbel (1967):
“Zodra hij (Bartimeüs) hoorde, dat het Jezus van Nazaret was, begon hij hard te roepen: Jezus, Zoon van David, ontferm U mijner!”
Willibrordvertaling van de Bijbel (1975)
“Zodra hij hoorde dat het Jezus de Nazarener was, begon hij luidkeels te roepen: ‘Jezus, Zoon van David, heb medelijden met mij!’”
Die woorden komen een aantal keer voor in het Nieuwe Testament en worden nu toegankelijker en verstaanbaarder vertaald met ‘Heb medelijden met me’.
Daardoor kwam de Bijbeltekst dichter bij het dagelijks leven van de christenen nu, maar door die nieuwe vertaling is de relatie met de woorden in de liturgie / de eucharistieviering veel minder duidelijk geworden.
Suggesties
Kleine kinderen
KENNISMAKEN MET HET BIJBELVERHAAL
Jezus en Bartimeüs
Bartimeüs roept om ontferming, medelijden
Lees het verhaal voor over Jezus en Bartimeüs:
Jezus ging weg uit Jericho,
samen met zijn leerlingen en heel wat mensen.
De zoon van Timeüs zat langs de weg.
De mensen noemden hem 'Bartimeüs'.
Hij was blind en bedelde.
Ineens hoorde hij heel veel stemmen.
Hij vroeg: ‘Wat gebeurt er?’
Ze zeiden: ‘Jezus van Nazaret is hier.’
Toen Bartimeüs dat hoorde, begon hij luid te roepen:
Zoon van David, Jezus, ontferm Je over mij.'
Veel mensen snauwden hem toe: ‘Zwijg! Hou je mond!’
Maar Bartimeüs schreeuwde nog harder:
'Zoon van David, ontferm je over mij.'
Jezus bleef staan. 'Roep hem,' zei Hij.
De mensen zeiden tegen de blinde:
'Rustig, Bartimeüs, sta op. Hij roept je.'
Bartimeüs wierp zijn mantel weg, sprong recht en ging naar Jezus.
Jezus zag dat en vroeg: 'Wat kan Ik voor je doen?'
De blinde zei: 'Grote meester, zorg ervoor dat ik kan zien.'
'Ga, je vertrouwen is je redding,' zei Jezus.
Meteen kon Bartimeüs weer zien en hij volgde Jezus op zijn weg.
Bartimeüs voor de ontmoeting met Jezus
Hoe voelt Bartimeüs zich voor hij Jezus ontmoet?
Lees eerst de zinnetjes en kruis dan aan.
Hij voelt zich alleen | O | Hij heeft een vriend gevonden | O | Hij voelt zich uitgesloten | O | ||
Hij hoort er weer bij | O | Hij voelt zich uitgelachen | O | Hij voelt zich sterk | O |
Bartimeüs ontmoet Jezus
Bartimeüs hoort dat Jezus voorbijkomt.
Hij roept: Kyrie, eleison // Heer, ontferm U over mij // Heer, zorg voor me.
Jezus gaat naar hem toe en geneest hem.
Bartimeüs na de ontmoeting met Jezus
Hoe voelt Bartimeüs zich na de ontmoeting met Jezus?
Lees eerst de zinnetjes en kruis dan aan.
Hij voelt zich alleen | O | Hij heeft een vriend gevonden | O | Hij voelt zich uitgesloten | O | ||
Hij hoort er weer bij | O | Hij voelt zich uitgelachen | O | Hij voelt zich sterk | O |
INLEVEN
Voor en na
Zorg voor zeven ‘figuren’ (pionnen, legomannetjes …). Ze moeten niet verschillen van kleur zoals op de foto.
Voor
Stel de figuren op zoals op de foto. Zes figuren staan in een groepje, één figuur staat apart.
De figuur die apart staat, is Bartimeüs.
. Waarom zouden de anderen hem niet opnemen in de groep?
. Wat riep Bartimeüs toen hij hoorde dat Jezus in Jericho kwam?
. Wat vonden de anderen ervan dat Bartimeüs zo luid riep?
. Waarom zou dat zijn?
. Wat vind je daar zelf van?
Vertel dat Bartimeüs hoort dat Jezus voorbijkomt.
Hij roept:
'Kyrie, eleison // Heer, ontferm U over mij // Heer zorg voor me.'
Jezus gaat naar hem toe en geneest hem.
Na
. Hoe zou je de figuren nu schikken?
. Waarom schik je ze anders? Wat is er gebeurd?
Grote kinderen
SPREKEN MET BEELDEN
Mc 1, 29-39 - Opstaan!
Vanuit de synagoge ging Jezus
samen met Simon, Andreas, Jakobus en Johannes
naar het huis van Simon en Andreas,
Daar lag de schoonmoeder van Simon met hoge koorts in bed.
Ze zeiden tegen Jezus:
‘Jezus, de schoonmoeder van Simon heeft veel koorts. Ze ligt in bed’
Toen Jezus dat hoorde, ging Hij naar haar toe.
Hij nam haar bij de hand en hielp haar opstaan.
De koorts verdween en ze bediende hen.
Op het eerste gezicht komen de woorden 'Heer, ontferm U' of ‘Kyrie eleison’ niet voor in deze tekst, maar als je die tekst nog eens leest, merk je al vlug dat het gaat om ‘ontferming vragen, geven en krijgen’ …
. Wie vraagt om ontferming?
. Wie geeft ontferming?
. Wie krijgt ontferming?
Merk op: het is niet de schoonmoeder die om ontferming vraagt!
VERTELLEN
De voetbalmatch
Vorige week was er sportnamiddag op school.
De tweede klas moest tegen de derde klas voetballen.
Iedereen keek ernaar uit.
En dan was het zover, woensdagnamiddag drie uur.
Alle jongens en meisjes van de tweede en derde klas waren er.
De match begon. Het was al onmiddellijk heel spannend.
Maar halfweg de eerste helft botsten Peter en Gert van de tweede klas
hard tegen elkaar toen ze de bal aan elkaar wilden doorspelen.
Peter viel met een smak tegen de grond.
Hij bleef liggen, met zijn beide handen voor zijn gezicht.
Gert liep gewoon door met de bal richting doel.
Bart die het zag gebeuren, deed alsof er niets aan de hand was.
Sven zag ook dat Peter pijn had, maar dacht:
'Dat gaat wel vlug over.'
Toen rende Boris van de derde klas naar Peter.
Hij bleef staan, knielde naast Peter en hielp hem recht
Samen gingen ze aan de kant van het voetbalveld zitten.
'Doet het veel pijn? Wil je een zakdoekje?' vroeg hij.
'Zeg maar wat ik voor je kan doen!' zei Boris opnieuw.
Peter zei: 'Mijn knie doet heel veel pijn, hij is gezwollen.'
'Kom', zei Boris,
'Ik haal mijn fiets en ik voer jou wel even naar huis.'
Thuisgekomen ging Peter in een grote zetel liggen.
Boris vertelde aan de mama van Peter wat er gebeurd was.
Morgen kom ik nog eens naar je kijken', zei Boris,
'maar nu moet ik echt naar huis
want het is al laat geworden.'
'Daaaag!'
Bespreking
- Wie vraagt in dit verhaal om ‘ontferming’? Hoe doet hij dat?
- Hoe beantwoorden zijn vrienden zijn ‘vraag’?
(Gert? Bart? Sven? Boris?)
- Van wie krijgt Peter ‘ontferming’?
- Welk ander woord/andere woorden kun je kunnen gebruiken voor ‘ontferming’?
Jongeren
SPREKEN MET BEELDEN
Foto
Op deze foto zie je een kleine vogel op een donkere achtergrond.
Helemaal boven doorbreekt er licht de donkerte.
- Mocht dit vogeltje een mens zijn die ‘Kyrie, eleison’ zingt of 'Heer, ontferm U', tegen welke ‘achtergrond’ zou dat dan zijn? / Wat roept de donkere achtergrond op?
- Wie zou het vogeltje/mens om ‘ontferming', om hulp vragen?