Kruis
Wat?
Een kruis wordt gevormd door twee lijnen die elkaar snijden. Meestal staat één lijn rechtop en loopt de andere lijn horizontaal door het midden. Zo ontstaat een vorm met vier uiteinden: +.
Een kruis kan, afhankelijk van de situatie, veel betekenissen hebben. Bijvoorbeeld: kruispunt, kruisjessteek, kruisboog, kruistocht, kruiswoordraadsel, kruisverhoor ... of in de woorden: kruisen, doorkruisen, aankruisen ... Telkens herken je in die woorden het ‘snijden’/kruisen van twee lijnen.
Een marteltuig
Het christendom kent woorden als: kruisbeeld; kruisweg, kruisgebed, kruisteken, kruisje … In die gevallen verwijst ‘kruis’ naar het kruis waarop Jezus stierf op. Dat kruis was een marteltuig dat bestond uit een paal en een dwarsbalk. Meestal stond die paal al klaar op de plaats van de executie.
De terdoodveroordeelde die eerst werd gegeseld, droeg de dwarsbalk naar de plaats van de executie. Daar werden zijn uitgestrekte armen met touwen of nagels vastgemaakt aan de dwarsbalk, die langs de paal omhoog getrokken werd. Zo’n dood op een kruis was een langzame verstikkingsdood.
Toen Jezus leefde kende men in Palestina twee rechtstelsels. Die van de joden, die zich op de Tora (Joodse Wet) baseerden en de wetten van de Romeinen, die het land bezetten. Men maakte toen wellicht de volgende afspraak:
. alle overtredingen die met de Joodse godsdienst te maken hebben, vallen onder het gezag van het Sanhedrin (= joods gerechtshof uit de tijd van Jezus) en de hogepriester. Voor hen was doodstraf = steniging.
. alle overtredingen die gericht waren tegen de bezetter, vielen onder het gezag van de Romeinse procurator (titel van de gouverneur van een Romeinse provincie). Voor hem was kruisiging de gebruikelijke doodstraf. Tegen die achtergrond zegt de kruisdood van Jezus dat Hij stierf als een opstandeling tegen de Romeinse bezetting.
Kruisiging werd als straf wellicht voor het eerst toegepast in het Perzisch Rijk. Het zou kunnen dat deze vorm van doodstraf bedacht werd om te vermijden dat het lijk van een misdadiger de aarde, die aan een godheid toegewijd was, zou verontreinigen.
Via Alexander de Grote en zijn opvolgers drong die straf via Klein-Azië door naar Griekenland en Rome, waar ze vooral bedoeld was voor slaven die een ernstig vergrijp begingen tegen hun meesters (ongehoorzaamheid, openlijk verzet of poging om weg te vluchten) en voor verzetsstrijders en opstandelingen die het juk van hun overheersers trachtten af te werpen.
Zo kwam bijvoorbeeld in de eerste eeuw voor Christus een einde aan de slavenopstand van Spartacus door de massale kruisiging van opstandige slaven. Romeinse historici vermelden dat er zesduizend waren langs de 200 kilometer lange Via Appia (weg tussen Rome en Capua). Hun lijken bleven jaren hangen langs de weg als waarschuwing voor andere slaven.
De kruisdood, die Cicero en Flavius Josephus barbaars, gruwelijk en afschuwelijk vonden, werd in de vierde eeuw na Christus afgeschaft door keizer Constantijn omdat hij wilde dat de nagedachtenis aan de kruisdood van Christus er niet door bezoedeld zou worden.
Een symbool
Algemeen
Al voor er van het christendom sprake was, kende men in oude culturen verschillende vormen van kruisen met elk hun betekenissen:
Zonnekruis
Dit is een cirkel met een kruis erin.
Dit motief komt voor op prehistorische voorwerpen en wordt vaak geïnterpreteerd, afhankelijk van de archeologische context, als een afbeelding van de zon, de seizoenen of de windstreken.
Het ank-teken
Dit kruis heeft een lus boven een verticale lijn met een dwarsbalk.
Wanneer een godheid een ank aanreikt aan een farao, symboliseerde dit het schenken van levensenergie. Omdat die energie met levensadem te maken heeft, wordt ze onder de neus gehouden.
De swastika
Dit kruis met geknikte uiteinden was/is een symbool van beweging, geluk in India en Tibet.
Sinds de nazi’s in de XXe eeuw de swastika gebruikten als embleem, raakte dit symbool verbonden met racisme en antisemitisme.
Christelijk symbool
Kruisbeeld
Pas onder keizer Constantijn verwijst een kruis naar het kruis van Christus dat christenen doet denken aan zijn lijden en dood en zo aan alle vormen van lijden en kwaad in de wereld. Maar de verrijzenis van Christus maakte van het kruis als marteltuig, een teken van de overwinning op de dood en inspireert christenen om vanuit hun geloof in de verrijzenis alle lijden en kwaad zoveel mogelijk uit de wereld te bannen.
Kruisteken
Het kruisteken is een gebaar dat gemaakt wordt door met de rechterhand het voorhoofd aan te raken, dan het hart en daarna de linker- en de rechterschouder. Orthodoxe christenen maken een beweging van de linkerschouder naar de rechterschouder. Daarbij zeggen ze stil of luidop de volgende woorden: ‘In de naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest, Amen.’
In het kort geeft dit teken het geloof van christenen weer en ook de bevestiging daarvan: Amen. (= ‘het is zo’). Dit waren in het evangelie volgens Matteüs, de laatste woorden van Jezus toen Hij zijn leerlingen vroeg om naar alle volkeren te gaan, hen te onderrichten en hen te dopen. (Matteüs 28, 19).
Een kruisteken ...
Verwijst naar Jezus Christus
Men maakt met zijn rechterhand een kruis dat verwijst naar het kruis waarop Jezus is gestorven en naar zijn verrijzenis.
Verwijst naar de plaats van Jezus in het leven van de gelovige
Dat men het hoofd, het hart en het begin van de armen aanraakt toont dat men alles wat Jezus gezegd en gedaan heeft ter harte neemt in wat men denkt (hoofd), in wat men voelt (hart), in wat men doet (armen).
Verwijst naar het geloof in de Heilige Drievuldigheid
Met deze woorden die dit teken begeleiden, geven christenen aan dat wat zal gebeuren of gebeurd is, plaats heeft in de naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest, de drie manieren waarop ze over God spreken:
- de scheppende Vader, die aan de basis ligt van alle leven
- de Zoon, die zichtbaar tussen de mensen leefde
- de Geest, die mensen bezielt, enthousiast maakt
Dit kruisteken wordt op veel momenten gebruikt, zowel buiten als binnen het kerkgebouw.
Bijvoorbeeld: bij het opstaan en het naar bed gaan,
bij het begin en het einde van een eucharistieviering.
Kruisje
Naast het grote kruisteken is er het kleine, dat - als inleiding op het beluisteren van het evangelie - op voorhoofd (verstand), mond (spreken) en hart (liefde) wordt gemaakt.
Of het gebruik waarbij ouders met hun duim een kruisje tekenen op het voorhoofd van hun kind bij het slapengaan, waarbij ze kunnen zeggen: ‘God zegene u en beware u’. Hiermee vragen ze dat God zelf hun zoon of dochter in bescherming zou nemen, dat Hij hen zou zegenen.
'Het kruis' in de Bijbel
Oude Testament
In het Oude Testament (de Hebreeuwse Bijbel) komt het woord ‘kruis’ niet voor. Ook niet als middel om iemand te straffen. Dat gebeurde toen door het stenigen van iemand.
Nieuwe Testament
Matteüs 27, 32.37- 44 // Marcus, 21-32 // Lucas 23, 26–43 // Johannes 19, 17–18
“Toen de soldaten met Jezus de stad uitgingen ontmoetten ze een Cyreneeër, Simon genaamd en vorderden hem tot het dragen van Jezus’ kruis. (…). Boven zijn hoofd bracht men een opschrift aan met de reden van zijn veroordeling: “Dit is Jezus, de koning der Joden.” Samen met Hem werden ook twee rovers gekruisigd, de een rechts, de ander links. Voorbijgangers hoonden Hem, terwijl ze het hoofd schudden en zeiden: “Gij daar, die de tempel afbreekt en in drie dagen weer opbouwt, red Uzelf; als Gij de Zoon van God zijt, kom dan van dat kruis af!” In dezelfde geest zeiden de hogepriesters met de Schriftgeleerden en oudsten spottend: “Anderen heeft Hij gered, maar zichzelf kan Hij niet redden. Hij is toch de koning van Israël. Laat Hem nu van het kruis afkomen, dan zullen we in Hem geloven. Hij stelt vertrouwen in God; laat Die Hem nu bevrijden, als Hij behagen in Hem heeft. Hij heeft immers gezegd: Ik ben de Zoon van God!” Zelfs de rovers, die samen met Hem gekruisigd waren, voegden Hem soortgelijke beschimpingen toe.”
Soldaten dwongen Simon van Cyrene om het kruis van Jezus te dragen.
Jezus werd samen met twee misdadigers gekruisigd. Hij werd door omstanders bespot Jezus terwijl Hij aan het kruis hing.
Johannes 19, 25-27
“Bij het kruis van Jezus stonden zijn moeder, de zus van zijn moeder, Maria de vrouw van Klopas, en Maria Magdalena. Toen Jezus zijn moeder zag en naast haar de leerling die Hij graag had, zei Hij tegen zijn moeder: ‘Vrouw, zie daar uw zoon.’ Daarna zei Hij tegen de leerling: ‘Zie daar uw moeder.’ Vanaf dat ogenblik nam de leerling haar bij zich in huis.”
Als enige van de vier evangelisten vermeldt Johannes de aanwezigheid van de moeder van Jezus bij zijn kruisiging.
1 Korintiërs 1, 18
“Spreken over het kruis is dwaasheid voor hen die verloren lopen, maar voor ons die gered worden, is het de kracht van God.”
In zijn brieven spreekt Paulus voor het eerst over de betekenis van het kruis.
'Het kruis' in de kunst
Schilderkunst
MAESTRO DI SAN FRANCESCO
Geschilderd kruis (ongeveer 1262-1270)
De Maestro di San Francesco (meester van Sint-Franciscus) was een anonieme Italiaanse schilder die werkte tussen 1250–1280. In zijn werk voegde hij westerse versieringen en een nieuw kleurgebruik toe aan de Byzantijnse iconografie.
Veel werken die aan hem toegeschreven worden, maakten deel uit van de eerste decoratie van de basiliek van San Francesco van Assisi. Ook enkele ontwerpen voor glasramen in de bovenkerk van Assisi worden aan hem toegeschreven.
Installatie
L. HINSE
Lichtkruis
Ludger Hinse (1948) woont en werkt in zijn Recklinghausen (Ruhrgebied – Duitsland). Hij gebruikt voor zijn lichtkruisen verschillende kleuren en technieken en ontwerpt die vaak speciaal voor de omgeving.
Met een lichtkruis wil hij niet alleen de kruisiging, de dood van Jezus, weergeven, maar ook licht dat de dood overschaduwt. Zo wordt een lichtkruis een teken van hoop. Het toont iets dat verder gaat dan de dood en laat iets van de toekomende wereld zien. Het toont dat de dood voor God geen kracht is die het leven vernietigt.
Beeldhouwwerk
ARCABAS
Christus op het kruis (1991)
Arcabas maakte een kruisbeeld van een Christus zonder armen.
Dit beeld roept het volgende verhaal op:
‘Mijn’ handen ...
(C. LETERME, Een parel voor elke dag, Averbode 2007, p. 106)
In de laatste dagen van de oorlog
werd een Duits dorp verwoest.
Na de wapenstilstand hielpen Amerikaanse soldaten
de boeren bij het herstellen van hun huizen.
Ook de kerk was zwaar beschadigd:
de muren moesten gestut worden,
en het middenschip moest overdekt.
Moeizaam zochten de soldaten
naar de brokstukken van een oud Christusbeeld,
dat in het bombardement vernield was.
Zorgvuldig pasten ze het beeld weer in elkaar,
en zetten het terug op zijn plaats.
Het zag er mooi uit,
alleen de handen ontbraken.
Die hadden ze niet kunnen terugvinden.
Toen schreef één van de soldaten op een bordje:
‘I have no other hands than yours’
(Ik heb geen andere handen dan de uwe)
J. FABRE
Sinds 2015 is in de kathedraal van Antwerpen een kunstwerk van Jan Fabre te zien dat de kunstenaar voorstelt die een groot kruis draagt op zijn rechterhand.
Dit werk werd aangekocht door een anoniem mecenas die het ter beschikking stelde van de kathedraal.
Om over na te denken
- Waar doet een kruis jou aan denken?
- Waar kan het een symbool van zijn?
- Als je een ‘kruis’ moet dragen, hoe zou je dat dan doen?
(zoals Jezus of zoals Jan Fabre het voorstelt)
- Welke betekenis leg je daarin?
- Volgens de kunstenaar staat het kruis in evenwicht op de hand van de man, symbool voor de vragen ‘Geloof ik in God? Geloof ik niet in God?’.
- Wat vind je daarvan?
Kruisweg
Toen de kruisvaarders in Jeruzalem waren, legden ze de weg af van de plaats waar Jezus veroordeeld werd, naar Golgota. Onderweg hielden ze geregeld halt om zich te bezinnen over bepaalde aspecten of situaties bij de laatste tocht van Jezus.
Wanneer de kruisvaarders terug in onze streken kwamen, lieten ze de verschillende staties uitbeelden in schilderijen of beeldhouwwerken.
Bouwwerk
T. ANDO
Lichtkerk
Werk van de autodidactische architect Tadao Ando - voor hij architect was, was hij een bokser. Deze kerk werd opgetrokken uit gewapend beton en is amper 133 vierkante meter groot.
Voor de architect is het belangrijkste element van de kerk de kruisvormige opening in de achtergevel.
Suggesties
ONDERZOEKEN
Niet alle kruisen zijn kruisen
In onze taal wordt het woord ‘kruis’ vaak gebruikt.
Wat is de betekenis van 'kruis' in de volgende zinnen:
O Die man draagt moedig zijn kruis.
O Elke avond geeft mama me een kruisje op het voorhoofd.
O Mijn buurvrouw zet zich in voor het Rode Kruis.
O Ieder huisje heeft zijn kruisje.
O Vrienden van ons maken elke keer een kruisteken voor het eten.
O Die jongen is een echt kruis voor zijn ouders.
O Huizen zijn kruisen.
O De verpleegster van het Wit-Gele kruis was gisteren opnieuw bij mijn opa.
Gebruik eventueel een woordenboek / het internet.
Kleur nadien de zinnen:
rood als het woord 'kruis' aan lijden doet denken.
groen als het woord ‘kruis’ verwijst naar het christelijk geloof
geel als het woord ‘kruis’ iets zegt over lijden én verrijzenis.
BELEVEN
Goede Vrijdag - werken met krantenknipsels
Materiaal
Kranten; groot papier; lijm; schrijfgerei / stiften
Verloop
"Goede vrijdag is niet alleen de dag waarop men het lijden en sterven van Jezus herdenkt. Het is ook een dag die ook doet stilstaan bij het grote onrecht in de wereld en het leed dat er is. In kranten wordt onze wereld weerspiegeld. Er staan veel voorbeelden in van leed en onrecht."
Alle kinderen krijgen een krant. Daarin zoeken ze op hoe onrecht of leed ter sprake komt.
Geef per groepje een groot blad papier waarop ze een kruis tekenen. Daarin kleven ze wat ze gevonden hebben (Krantenartikels / -koppen / -foto's).
Tussen de knipsels door schrijven ze wat daarbij door hun hoofd gaat (meer dan alleen 'goed' of 'slecht').
SPREKEN MET BEELDEN
Vele soorten kruisen
Info
Bij een traditioneel kruisbeeld ligt het hoofdaccent op lijden en dood van Christus. (Nagels, doornenkroon en de wonde in de rechterzij, zijn duidelijk te zien).
Bij een kruisbeeld met aandacht voor de verrijzenis, verwijst het kruis zelf naar lijden en dood van Jezus. Een aangeklede Jezus met open armen doet denken aan de verrezen Christus.
Bij gedetailleerde uitwerkingen kan men aan de kruiswonden op zijn handen en voeten zien dat het om de verrezen Christus gaat, die uit de dood is opgestaan.
Verloop
De kinderen bekijken verschillende manieren waarop een kruis wordt afgebeeld.
Laat de kinderen er één uit kiezen en hun keuze toelichten.
Daarna zoeken ze welke 'kruisen' het best passen bij Goede Vrijdag en welke het best passen bij Pasen.
TIP
Maak in het begin van de veertigdagentijd een kruis met wilgentakken. Zet het ‘wilgen’kruis daarna in een vaas met water. Na enkele weken kan het gebeuren dat de wilgentakken die in het water staan, uitlopen en groen worden. Zo wordt de symboliek dood/leven visueel duidelijk.
(idee uit: Hemel en aarde, Pasen 2005, p. 43)
VERTELLEN
Kruis!
(K. JANSSEN, in Zonneland 2000, nr 24, p. 37)
- Symbool van het christendom, leest Marthe voor.
We proberen samen een kruiswoordraadsel op te lossen.
- Een kruis! zeg ik zonder nadenken.
- Waarom is dat? vraagt Marthe fronsend. Omdat ze Jezus aan een kruis hebben genageld? Rare manier om je leider te vereren, door het werktuig van zijn dood af te beelden. Mag je nog blij zijn dat het niet in onze tijd gebeurd is, dan hingen er allemaal geweertjes aan de muur. Luguber, hoor!
- Christenen hebben de dood van Jezus nooit verbloemd, legt mama uit. Een kruisdood was toen ook al iets schandelijks, een soort terechtstelling voor slaven. Dieper kon je als mens niet vallen. Maar Jezus ging dit niet uit de weg. Hij bleef trouw aan de band met zijn Vader en met de mensen. Ook toen de joden en de Romeinen Hem wilden veroordelen. Daarom geloven wij dat God Hem uit de dood heeft doen opstaan. Dat Hij de dood overwonnen heeft.
- Maar waarom blijven jullie dan de nadruk leggen op dat kruis? wil Marthe nu ook weten.
- Dat kruis is in de loop der tijden een beeld geworden van al het kwaad, vertelt mama. Kwaad en onmacht in onszelf, lijden dat anderen ons aandoen, alle rampen en ongelukken die een mens kunnen overkomen. Daarom geloven we dat het kwaad en de dood niet het laatste woord hebben. Dat de liefde het uiteindelijk zal halen. Want God is liefde.
- Dus als je een kruisteken maakt, denk je daar allemaal aan? vraagt Marthe ongelovig.
- Nou, eerlijk gezegd niet, geeft mama toe. Heel dikwijls doe je dat zonder nadenken. Zoals je ook niet bij elk kruisbeeld aan de muur aan de hele geschiedenis denkt. Maar af en toe, op Goede Vrijdag bijvoorbeeld, staan we er wat langer bij stil. In veel kerken wordt er dan een kruisweg gedaan, waarbij we bidden bij alle stappen in het lijdensverhaal van Jezus.
- O ja, en dan leggen we allemaal bloemen bij het kruis, herinner ik me.
- Het lijkt wel alsof jullie trots zijn op dat kruis, zegt Marthe een beetje spottend.
- Trots is niet het goede woord, meent mama. Maar door dat kruis onthouden we wel dat God toch heel speciaal is. Iemand die zo verbonden is met mensen, dat Hij met Jezus zelfs de dood niet uit de weg is gegaan. Dat is bijna niet te begrijpen. Maar het betekent wel dat wij met al onze zorgen en problemen gerust naar God kunnen. Dat Hij met ons meelijdt, omdat Hij weet wat lijden is. En om zo'n God zijn we blij en dankbaar.
Marthe telt de letters.
- Het klopt! zegt ze. Kruis is goed.
Pas na een halve minuut besef ik dat het over het kruiswoordraadsel gaat.
Op zoek naar een symbool
(C. LETERME, Parels van verhalen, uitgeverij Averbode 2019, p. 190)
(naar een tekst van E. Laridon)
Toen er nog niet zo lang christenen waren,
kwam een kleine groep van hen regelmatig bijeen
in het huis van de oudste van de groep.
Op een dag zochten ze naar een symbool
waarmee ze konden zeggen wat ze geloofden.
‘Willen we een vis nemen?’ stelde iemand voor,
‘Jezus had toch van zijn eerste leerlingen vissers van mensen gemaakt?’
Al vlug kwamen er bedenkingen.
Wie geen vis lustte, wilde niet steeds naar een vis kijken.
Wie geen visser was, vond dat vissen te veel aan vissers deden denken.
‘Misschien is 'brood' een beter idee,’ stelde iemand anders voor.
‘Jezus brak brood en zei dat men zo aan Hem moest denken.’
Maar ook hierbij kwamen bedenkingen:
Hoe lang kun je brood bewaren?
En wat als vogels het brood oppikken?
Een druivenrank was een ander voorstel.
Jezus had verteld over de ranken en de wijnstok.
Hij zei zelfs dat wijn verwees naar zijn bloed.
Maar een teveel aan wijn had al vaak voor onenigheid gezorgd
en dat mocht zeker niet meer gebeuren.
Vele bijeenkomsten later, stelde een oude vrouw een kruis voor.
‘Een kruis toont de mislukking van het leven van Jezus,’ werd gezegd,
‘dat kun je toch niet als symbool voor ons geloof nemen!’
‘Ja,’ zei de vrouw, ‘maar het is geen mislukking gebleven.
Jezus is verrezen! Hij heeft de dood overwonnen!’
Daar werd druk over nagedacht.
Het duurde een hele tijd
voor men zich kon vinden in dit voorstel
en het kon goedkeuren.
De oude vrouw heeft dat niet meer meegemaakt.
Het kruisbeeld
(C. LETERME, Een parel voor elke dag, uitgeverij Averbode 2007)
Een man wandelde in een winkelstraat.
Even later stopte hij voor een antiekzaak.
Daar keek hij aandachtig in de etalage
naar een prachtig kruisbeeld.
Een kind kwam naast hem staan.
En keek ook naar het beeld.
‘Dag jonge heer,’
zei de man,
‘weet jij wie dat is op dat kruis?’
‘Natuurlijk,’ zei de jongen,
‘dat is Jezus.
Lang geleden hebben ze Hem gedood.’
‘Heel goed,’ zei de man
en hij liep verder door.
Ineens hoorde hij iemand achter hem lopen.
Hij draaide zich om
en zag de jongen van bij de winkel.
‘Meneer, meneer,’ riep hij,
‘ik ben het belangrijkste vergeten:
Nadien is Hij verrezen!’
(Naar P. Teilhard de Chardin)
Overweging bij het verhaal
(C. LETERME in Kerk en leven, Federatie Rotselaar, 28 maart 2018, p. 1)
Christenen staan er niet vaak bij stil. Maar een ‘kruis’ is een marteltuig. Romeinen deden hiervoor inspiratie op in het Midden-Oosten en gebruikten die marteling om toekomstige misdadigers af te schrikken.
Elk jaar opnieuw wordt de kruisdood van Jezus herdacht op Goede Vrijdag. Een dag die men alleen ‘goed’ kan noemen omdat daarop zijn verrijzenis volgde: de dood van Jezus blijkt een doortocht te zijn naar eeuwig leven.
In het woord 'verrijzenis' zit het woord 'rijzen'. Wie brood bakt voegt gist toe aan bloem en water en kneedt dat tot het luchtig lauwwarm wordt en vol leven steekt.
Soms gebruikt men het woord 'opstanding' voor 'verrijzenis'. Ook dat woord is rijk aan betekenis: men ligt niet meer als verlamd neer, maar staat op, pakt het leven aan.
Geloven in de verrijzenis van Jezus betekent dan ook: dag in dag uit meewerken aan de verrijzenis in het leven van mensen. Hoop brengen waar wanhoop is, licht waar duisternis is, leven waar dood is ...'
Elk van die handelingen kan men koppelen aan een wonder verhaal over Jezus: Hij liet een verlamde man 'opstaan', Hij liet blinden 'licht' zien, Hij liet een aantal mensen uit de dood 'opstaan'.
De evangelisten schreven hun teksten immers na de verrijzenis van Jezus en schreven ze zo dat 'verrijzenis' te herkennen was in het leven van Jezus. Omdat dit blij maakt, werden hun teksten 'evangelie' genoemd, 'blijde boodschap'.
Geloven in Jezus betekent vooral: de verrijzenis beleven in het eigen leven en in dat van de medemens, veraf én dichtbij. Het is hét gebeuren dat het doen en laten van christenen draagt en inspireert.
DOEN
Een groot kruis
Voorzie in het lokaal waar je bijeenkomt een vrije plaats op een muur. Teken daar de contouren van een kruis op.
Geef elk kind enkele vierkante tekenbladen. Daarop tekenen ze iets wat ze met Jezus associëren, of woorden die ze zich van Hem herinneren. Kleef deze bladen binnen de contouren van het kruis.
Daarna vertellen de kinderen aan elkaar waarom dat voorwerp hen aan Jezus doet denken of wat hen treft in de woorden die ze zich van Jezus herinneren.
TIP
Pas de grootte van de contouren van het kruis aan, aan het aantal kinderen én aan het aantal tekenbladen dat je hen geeft.
Een kruisje
Alle materialen en alle technieken kunnen hiervoor aan bod komen, afhankelijk van de mogelijkheden van de kinderen en de plaats waar ze een kruisje maken.
Bijvoorbeeld:
een kruisje sjorren met twee takjes
een kruisje boetseren met klei
een kruisje tekenen op karton, het uitknippen en daarna: stempelen, schilderen, kleuren...
Overweging
Frans Mistiaen s.j.
Teken van liefde tot het uiterste toe
Wij, christenen, worden niet uitgenodigd
op te kijken naar het kruishout zelf,
naar dat marteltuig
dat lijden en vernietiging brengt.
Wij worden wel uitgenodigd op te kijken
naar Jezus op het kruis,
die, te midden van het lijden,
Zijn zichzelf-gevende-liefde toont
tot het uiterste toe.
Ook in de hevigste pijn
en de vastgespijkerde machteloosheid
denkt Jezus immers niet aan Zichzelf,
maar aan de anderen
(Hij vergeeft Zijn beulen,
schenkt Johannes aan Zijn Moeder
en belooft het paradijs aan de goede moordenaar)
en bidt Hij vol vertrouwen tot Zijn Vader
("In Uw handen beveel Ik Mijn geest").
Laten wij opkijken naar wat de Liefde doet,
hoe Jezus Zichzelf totaal vergeet en wegschenkt,
zelfs in die meest weerloze situatie.
En op het moment van de kruisiging
wordt die liefde van de Mensenzoon "omhoog geheven":
Zijn liefde tot het uiterste
wordt het moment van Zijn verheffing door God,
van Zijn verheerlijking.
Niet iedereen ziet dit.
Bij het opkijken naar een kruis en naar de Gekruisigde
staat iedereen voor de keuze: te geloven of niet te geloven.
Wie niet gelooft, ziet alleen een gemartelde man,
die lijdt aan het kruishout en totaal vernietigd wordt.
Wie gelooft, ziet juist
in de zelfgave van de Gekruisigde en Zijn verhoging door God,
het teken dat de belangeloze, zichzelf-gevende Liefde
sterker is dan de dood.
Geloven is dan ook, bij het opzien naar het kruis,
vooral kijken naar Jezus
en willen leven vanuit de liefde die Hij toont
door zichzelf belangeloos weg te schenken voor anderen, zelfs op het kruis.
Geloven is, bij het opzien naar het kruis,
vooral kijken naar Jezus
en zich uitgenodigd voelen door Zijn Zichzelf-gevende liefde,
opgetild worden uit de dood van eigen zonde
naar een nieuw, meer liefdevol leven,
een leven in licht en waarheid.
Ongelovigen blijven het kruis zien als een teken van ondergang.
Gelovigen zien in de zelfgave van de Gekruisigde
het teken dat zo'n liefde, ondanks het lijden, de dood overwint.
