Loading...
 

1 Koningen 18, 41-46

C. Leterme Israël  2012

Foto © Chantal Leterme (2012)


…page…

1 Koningen 18, 41-46: God zorgt voor regen

De tekst

’Bijbel in gewone taal’

(Deze Bijbeltekst komt uit de Bijbel in Gewone Taal, © Nederlands Bijbelgenootschap 2014, p. 531-532)

Daarna zei Elia tegen koning Achab: ‘Ga nu snel iets eten en drinken. Want ik hoor de regen al komen.’ Achab ging weg om iets te eten en te drinken.
Elia zelf ging naar de top van de berg Karmel. Hij knielde op de grond en legde zijn hoofd tussen zijn knieën. Hij zei tegen zijn knecht: ‘Ga jij eens naar een plek toe waar je de zee kunt zien. En kom me dan vertellen wat je ziet.’ De knecht ging kijken, kwam terug en zei: ‘Ik zie niets bijzonders.’ Elia zei: ‘Ga nog maar eens.’ Dat gebeurde zo zeven keer.
Bij de zevende keer zei de knecht: ‘Nu zie ik een klein wolkje boven de zee, niet groter dan een hand.’ Toen zei Elia: ‘Ga Achab waarschuwen! Zeg tegen hem dat hij snel met zijn wagen de berg af moet rijden. Anders lukt het niet meer door de harde regen!’
Meteen werd de lucht helemaal zwart. Het ging heel hard waaien en regenen. Achab klom op zijn wagen en reed weg naar de stad Jizreël.
Toen voelde Elia dat de Heer hem kracht gaf. Elia trok zijn mantel een stuk omhoog en rende voor Achab uit, tot vlak bij Jizreël.



Dichter bij de tijd

(Bewerking: C. Leterme)

Elia tot Achab: 'Ga nu maar wat eten en drinken,
want ik hoor de stortregen al kletteren.'
Terwijl Achab iets ging eten en drinken,
ging Elia naar de top van de Karmel.
Daar boog hij zich ter aarde en legde zijn hoofd tussen zijn knieën.
Hij zei tegen zijn dienaar:
`Ga nog wat hoger en kijk in de richting van de zee.'
De dienaar ging naar boven en keek en zei: `Er is niets te zien.'
Elia zei: `Ga nog eens en nog eens.’
Elia zei dat wel zeven keer. De zevende maal zei de dienaar:
'Ja, ik zie een klein wolkje uit zee opstijgen,
Niet groter dan de palm van een hand.'
Toen zei Elia: 'Ga Achab zeggen dat hij zijn wagen inspant en wegrijdt,
anders zal de stortregen het hem onmogelijk maken.'
Stilaan werd de lucht zwart.
De wind stak op en er viel een zware stortregen.
Achab reed in zijn wagen naar Jizreel.
De hand van Jahwe kwam op Elia en gaf hem kracht.
Elia trok zijn gordel strak om zijn lenden
en rende voor Achab uit tot in Jizreel.



Stilstaan bij …

Elia
(= 'Mijn God is JHWH')
Profeet die tussen 870 en 850 voor Christus optrad in het welvarende Noordrijk. Hij verzette zich tegen koning Achab en vooral tegen koningin Izebel (= 'Wie is als Baäl'), die de cultus van Baäl (de belangrijkste god van de Kanaänieten) nieuw leven had ingeblazen.
(Lees meer)

Achab
Achab was de zevende koning van Israël. Hij streefde een evenwichtspolitiek na. Hij waardeerde JHWH (zie de namen van zijn kinderen: Achazja, Joram en Atalja) maar bouwde ook een tempel voor Baäl in Samaria.

Karmel
(= de wijngaard van God)
De berg Karmel is ongeveer 20 kilometer lang en ongeveer 600 meter hoog. Op deze heilige berg vereerde men in de loop der tijden verschillende goden. In de tijd van Elia vereerde men er de god Baäl.
Als een vochtige zeewind Palestina bereikt, vallen op de Karmel de eerste druppels.

Zich ter aarde buigen met het hoofd tussen de knieën
Een lichaamshouding waarmee men grote eerbied voor God toont en Hem iets wil vragen.

Jizreël
Stad aan de voet van de berg Gilboa, in het oosten van een vruchtbare vlakte met dezelfde naam. Daar lag het zomerpaleis van de koningen van Israël.
De afstand tussen de Karmel en Jizreël was 27 kilometer.