Loading...
 

Hebreeën 10, 11-18

2 Paardenbloem

(Morguefile free stock photo license)


…page…

Hebreeën 10, 11-18: Ik leg mijn wetten in hun hart

De tekst

Dichter bij de tijd

(Bewerking: C. Leterme)

Elke priester verricht dagelijks zijn dienst
en draagt telkens weer dezelfde offers op,
die nooit de zonden kunnen wegnemen.
Terwijl Hij voor altijd gezeten is aan de rechterhand van God,
na één enkel offer voor de zonden te hebben gebracht,
waar Hij wacht op het moment dat zijn vijanden
tot een voetbank voor zijn voeten gemaakt worden.
Want door dit ene offer heeft Hij voor altijd hen,
die zich laten heiligen, tot volmaaktheid gebracht.
Dit is ook wat de Heilige Geest getuigt.
Eerst zegt Hij: ‘Dit is het verbond
dat Ik na die tijd met hen zal sluiten, zegt de Heer:
Ik zal mijn wetten in hun hart leggen, Ik grif ze in hun geest.
En wat verder staat er ook:
Ik zal niet langer denken aan hun zonden en ongerechtigheden.
En waar die vergeven zijn, is geen zoenoffer meer nodig.



Stilstaan bij …

Zonde
Wie opzettelijk iets fout doet en daarmee iemand kwetst, kwetst niet alleen die persoon, maar ook God, omdat Hij wil dat we voor anderen respect opbrengen.

Rechterhand
In het Oude Testament zaten alleen de voornaamste personen aan de rechterhand van de koning. In de Bijbels is 'aan de rechterhand zitten' het beeld van de definitieve erkenning.

Verbond
Een verbond is een bindende afspraak waarbij twee partijen beloften en verplichtingen uitspreken en vastleggen. In de Bijbel gaat dit verbond over de relatie tussen God en zijn volk.

Hart
In de Bijbel heeft het hart niet alleen een fysieke, maar vooral een geestelijke functie. Het is de plaats in het lichaam waar zich emotie, gevoel, moed, inzicht, kennis en wijsheid bevinden. Het hart is het symbool voor het innerlijke van de mens in alle opzichten.

Vergeven
Als men iets verkeerd deed en de ander zegt: ‘Ik neem je dat niet kwalijk’, dan ‘vergeeft’ die ander. Jezus zei dat de liefde van God zo groot is dat hij de fouten van de mensen wil vergeven.
Hij leerde hun bidden: ‘God, onze Vader, vergeef ons onze schulden, zoals ook wij vergeven aan onze schuldenaren.’




Bij de tekst

Offer

Oude volkeren offerden voor (gaven geschenken aan) hun goden uit angst, uit eerbied, uit dankbaarheid of om een gunst (verzoening, vrede …) te vragen. De belangrijkste drijfveer was de wens om de godheid te voeden en in leven te houden. Want men ging ervan uit dat goden zouden sterven als ze niet genoeg te eten zouden krijgen. Zo kon men bekomen dat de godheid verder de mensen zou beschermen.

Er ontstonden vele soorten offers: brandoffers, graanoffers, vredeoffers, reinigingsoffers, wijdingsoffers, hersteloffers, wijnoffers, reukoffers … Steeds werd iets waardevol geofferd: de beste vruchten van het veld, het gezondste dier, het pasgeboren dier - een kostbaar bezit omdat dit zorgde voor de uitbreiding van de kudde.

Maar Jahwe wenst geen offers te krijgen. Hij wil dat mensen rechtvaardig en liefdevol leven. Vooral profeten maakten dat duidelijk.



Wortel in het Oude Testament

Jeremia 31, 31-34
'Er komt een tijd,' zo zegt God, 'dat Ik een nieuw verbond sluit met Israël. Geen verbond zoals Ik vroeger met hun voorouders gesloten heb, toen Ik hen bij de hand nam om hen uit Egypte te leiden. Want dat verbond hebben zij verbroken, terwijl Ik toch hun Meester was.

Zo zegt God: Dit is het nieuwe verbond dat Ik met Israël zal sluiten: Ik leg mijn wet in hun binnenste, Ik grif die wet in hun hart. Ik zal hun God zijn en zij zullen mijn volk zijn. Dan moet niemand nog tegen een ander zeggen : Leer God kennen. Want iedereen, groot en klein, kent Mij dan.

Zo zegt God: Dan vergeef Ik hun misstappen, Dan denk Ik niet meer aan hun zonden.'

Lees meer)





Suggestie

Grote kinderen

VERTELLEN

De beste plaats

(C. LETERME, Parels van verhalen, uitgeverij Averbode 2019, p. 82)

Toen God de hemel en de aarde had geschapen,
sloot Hij een verbond met de mensen.
Daarna zocht Hij naar een plek
waar Hij de tekst van dit verbond zo goed mogelijk kon bewaren.
Dit verbond was zo belangrijk, dat de mensen dit nooit mochten vergeten.
God onderzocht verschillende mogelijkheden.

‘Als ik dit verbond op klei zou schrijven die Ik nadien bak,’ dacht Hij,
‘dan blijven de woorden van dat verbond voor altijd bewaard.’
Later vroeg Hij aan de mensen: ‘Maak een kist om die stenen tafels in te bewaren.’
De mensen maakten een prachtige gouden kist voor die woorden van God.
en namen die overal met zich mee.
Als ze ergens halt hielden, plaatsten ze die kist in hun mooiste tent.

Na een tijd zei God:
‘Die kist was niet zo'n goed idee van Mij
want ze gaat wel overal met de mensen mee en krijgt de mooiste plaats,
maar niemand leest die woorden nog.’
Daarom riep Hij zijn engelen bij zich en vroeg:
‘Waar zou ik mijn woorden het best bewaren?’

Eén van zijn engelen zei:
‘Op de hoogste berg van de wereld, zodat iedereen ze kan zien,’
God schudde zijn hoofd:
‘De mensen zouden mijn woorden dan wel goed kunnen zien,
maar het is helemaal niet zeker
of ze er ook rekening mee zullen houden.’

‘Leg ze misschien in het belangrijkste gebouw
van de belangrijkste stad van de wereld,’ zei een andere engel.
‘Nee,’ zei God, ‘de mensen zullen die woorden wel met eerbied omringen
maar ze zullen vergeten ermee te leven.
Ik denk dat Ik weet waar ik mijn verbond zal bewaren.
Ik zal die woorden in het hart van de mens leggen.’




Bij het verhaal
(C. LETERME in Kerk en leven, Federatie Rotselaar, 18 maart 2015, p. 1)

In dit verhaal vind je heel beknopt de geschiedenis die in Bijbel beschreven staat. Die gaat uiteindelijk over de relatie tussen God en mens. Een relatie die voorspoedig begon, maar in de loop der tijd verwaterde . Grote stappen in deze geschiedenis kwamen reeds aan bod tijdens de eerste lezingen van de veertigdagentijd (B-jaar):

. Het begon allemaal heel goed: God had het heelal en de levende wezens gemaakt. Maar niet iedereen hield rekening met God. Een grote zondvloed wordt gezien als de reactie van God op het slechte gedrag van de mensen. Toch laat God zijn mensen niet in de steek: Hij gaf Noach de tip om een ark te bouwen. De regenboog bij zijn redding maakt duidelijk dat God verbonden blijft met zijn schepping. (1e zondag van de veertigdagentijd).

. Die band wordt duidelijk beschreven in 'tien woorden' die Mozes optekent. De vijf eerste zeggen iets over de relatie met God, en de vijf volgende over de relatie met de medemensen (3e zondag van de veertigdagentijd).
Het verhaal hierbij zegt dat God zijn verbond op klei zal schrijven en zal bakken. Die tabletten werden later gelegd in 'de ark van het verbond', een kist die de Israëlieten overal meedroegen waar ze kwamen. Als ze halt hielden zetten ze een mooie tent op (tabernakel) en omringden ze de kist met veel eerbetoon.

. Maar een kist met woorden in, is één zaak. Leven vanuit die woorden is een heel andere zaak. Langzaam kwam de ark met de woorden in de vergeethoek: 'Niemand leest nog die woorden'. Dat is vrij zacht uitgedrukt. Wie een willekeurige bladzijde in de Bijbel leest over de geschiedenis van het joodse volk, maakt vlug kennis met een levensstijl die weinig of geen aandacht heeft voor het verbond met God. De profeten blijven erop hameren dat God dit niet wilt. Ze zeggen zelfs dat God daarop reageert met vreemde bezettingen en de ballingschap. (4e zondag van de veertigdagentijd)

. Dan is er de profeet Jeremia. Hij schreef de volgende woorden van God: 'Dit is het nieuwste verbond dat Ik in de toekomst met Israël sluit: Ik leg mijn wet in hun binnenste, Ik grif ze in hun hart.' (5e zondag van de veertigdagentijd). Het verbond tussen mens en God blijkt geen vodje papier te zijn, maar een manier van leven die vanuit het hart bepaald wordt en niet van buitenaf.

Misschien is het zelfs zo: hoe minder men vanuit het hart denkt en leeft, hoe meer wetten er moeten komen om onderlinge relaties mogelijk te maken.
Veel stof tot nadenken!