Loading...
 

Matteüs 7, 6 . 12-14

Matteüs 7, 6 .12-14: De nauwe poort

Matteüs 7, 12 // Lucas 6, 31
Matteüs 7, 13-14 // Lucas 13, 23-24



De tekst

’Bijbel in gewone taal’

(Deze Bijbeltekst komt uit de Bijbel in Gewone Taal, © Nederlands Bijbelgenootschap 2014, p. 1530-1531)

Vertel het goede nieuws niet aan mensen die niets met God te maken willen hebben. Je geeft varkens toch ook geen parels te eten? Nee, de varkens zouden die parels kapottrappen, en zich dan omdraaien en jou opvreten. (…)

Behandel andere mensen net zoals je zelf behandeld wilt worden. Daar gaat het om in de wet en in de andere heilige boeken.
Ga naar binnen door de smalle poort. Want door die smalle poort kom je bij het eeuwige leven. Het is een moeilijke weg, en het lukt maar weinig mensen om die weg te vinden. De meeste mensen kiezen de makkelijke weg, de weg met de brede poort. Dat is de weg naar de dood.



Dichter bij de tijd

(Bewerking: C. Leterme)

Jezus zei tot zijn leerlingen:

Geef wat heilig is niet aan de honden
en gooi je parels niet voor de varkens.
Ze zouden ze met hun poten vertrappen,
zich omkeren en jou verscheuren. (…)

Alles, wat je wil dat de mensen voor jou doen,
doet dat ook voor hen.
Dat is de kern van de Wet en de Profeten.
Ga binnen door de nauwe poort.
Want de weg die naar de ondergang leidt
is wijd en breed,
en er zijn er veel die hem inslaan.
Hoe nauw toch is de poort
en hoe smal de weg
die leidt naar het leven,
en er zijn er weinig die hem vinden.


Stilstaan bij …

Honden, varkens
Beelden van rituele onreinheid.

Parels
In de oudheid zag men parels als erg waardevol.
Jezus gebruikt ze als beeld voor kostbare waarheden.

Wet
Hiermee bedoelt deze tekst de wetgevende boeken in de Bijbel.

Profeten
Een profeet spreekt in naam van God: hij kan goed nieuws brengen. Dan verwoordt hij Gods beloften van zegen en geluk. Hij kan ook een concrete situatie aanklagen. Hij roept dan op om die te veranderen, en om te keren vanuit Gods droom over de wereld. Heel wat profeten werden niet graag gezien omdat ze dingen zegden die de mensen niet graag hoorden.
In deze tekst wordt met ‘Profeten’ de teksten bedoeld die in de Bijbel van de profeten te vinden zijn.





Bij de tekst

'Gulden regel'

Matteüs 7, 12 is ook bekend als 'de gulden regel', een samenvatting van de Tora.
Een 'regel' die niet alleen in het jodendom (Tobit 4, 15) en het christendom voorkomt, maar ook in veel andere godsdiensten en levensbeschouwingen.

Hindoeïsme - Mahabarata 5,1517Dit vat alle plichten samen: doe anderen niets aan dat je kwetsend vindt als het je wordt aangedaan.
Boeddhisme - Udana-Varga 5, 18Kwets anderen niet met wat jou kwetst.
Jaïnisme - SutrakritangaHeeft men de wet vervuld en de zorgeloosheid (onverschilligheid) overwonnen, dan moet men leven van toegestaan voedsel en alle levende wezens zo behandelen, als men zelf behandeld wil worden. Men moet zich niet blootstellen aan schuld door het verlangen naar het leven …
Confucianisme - Analecten 15, 23Wat je zelf niet wil aangedaan worden, doe dit ook anderen niet aan.
Jodendom - Talmoed, Sabbat 31aWat gij zelf voor verachterlijk houdt, doe dat uw naaste niet aan. Dat is de hele wet; de rest is slechts commentaar.
Hillel (Joodse rabbi / 50 voor Chr. - 10 na Chr.)Doe anderen niet aan, wat je zelf hatelijk vindt.
Christendom Jezus (Mt. 7, 12; Lc. 6, 31)Zoals je wil dat de mensen je behandelen, moet je ook hen behandelen.
Islam MohammedNiemand van jullie is een gelovige, tenzij hij zijn naaste toewenst wat hij zichzelf toewenst.




Ken je taal

Gooi je parels niet voor de zwijnen
= Verspil geen goede dingen aan mensen die er de waarde niet van beseffen.
Deze uitdrukking komt uit de Bijbel.





Bijbel en kunst

P. BRUEGEL DE OUDE

Nederlandse Spreekwoorden (1559)

5 Pieter Brueghel De Oude Nederlandse Spreekwoorden

olieverfschilderij (117 × 163 cm)
Staatliche Museen - Gemäldegalerie (Berlijn)


Op dit schilderij zijn een 125-tal Nederlandstalige spreekwoorden en gezegdes te zien die gangbaar waren in de tijd van de schilder. Sommige daarvan worden nog steeds gebruikt.
Merk op dat de originele titel van dit werk was: 'De dwaasheid van de wereld’. Hiermee wordt duidelijk dat Bruegel dit werk niet bedoelde als een verzameling spreekwoorden maar als een beeld van het dwaze gedrag van mensen.


5 Pieter Breughel Detail

Detail


Men kende in die tijd de uitdrukking 'rozen voor de varkens gooien', met dezelfde betekenis als 'parels voor de varkens gooien'.





P. BREUGHEL DE JONGE

Parels voor de zwijnen gooien(na 1600)

Pieter Breughel De Jonge





C. SCHACHER

De brede en de smalle weg (ca 1866)
5 C. Schacher

Conrad Schacher(1831–1870), een etser uit Stuttgart, die deze prent ontwierp, kreeg hiervoor instructies van Charlotte Reihlen (1805-1868), die behoorde tot het Duitse piëtisme, een beweging in de Evangelische Kerk van Duitsland.
De prent was bedoeld als educatief materiaal voor school en catechese en wilde christenen aan het denken zetten over wat in hun leven belangrijk was. Bij de verschillende taferelen op de prent staan de referenties van de Bijbelteksten die daartoe inspireren.

Later paste men de prent verschillende keren aan: kleur, klederdracht, taal, figuren en voorwerpen werden gewijzigd, toegevoegd of weggelaten.

5 De Brede En De Smalle Weg





W. DE KOONING

Door to the River (1960)

C21 Willem DE KOONING

Olie op canvas, (203,2 × 177,8 cm)
Whitney Museum of American Art, New York


Werk van Willem de Kooning (1904 -1997) die in Nederland was geboren en een groot deel van zijn leven in de Verenigde Staten woonde.





Suggesties

Kleine kinderen

VERDIEPEN

Op stap met Jezus

J. BRUGMAN, Prettige zondag, Kinderwoorddiensten voor het jaar C, 1994, p. 154.

De kinderen tekenen elkaars voetafdruk (of 'schoenafdruk') op een blad papier.
Daarop schrijven / tekenen ze wat ze proberen te doen als ze in de voetsporen van Jezus willen stappen (= doen wat Jezus zelf ook belangrijk vindt).



Stilstaan bij een tekening

C21zoevWB1

De kinderen vertellen wat ze op de tekening zien.
Sta daarna stil bij:
- Wie van de twee mensen op de weg kan zomaar binnen door de deur?
- Waarom is dat?
- Waarom kan de andere man moeilijk binnen door de deur?





VERTELLEN

Het kleine poortje

(Lichte bewerking van: Nick BUTTERWORTH en Mick INKPIN, Het kleine poortje (Marcus 10: 24, 25) in 'Acht verhalen van Jezus', Ark Boeken, 2000)

Op een dag komt er een kameel bij het poortje van de grote stad.
Het is een heel mooie kameel. Hij heeft een prachtig zadel.
Op dat zadel ligt een stapel tapijten. Die moeten naar de markt.
Naast hem loopt een kleine jongen. Die jaagt de vliegen weg bij de kameel.
'Opzij,' zegt de kameel, 'ik moet door de poort.'
Maar hij kan er helemaal niet door. Hij is veel te groot.

C21poortje 1

'Probeer je er eens achterstevoren doorheen te wurmen,' zegt de kleine jongen.
En hij doet het de kameel voor.
'Kamelen doen zoiets niet,' denkt de kameel.
Maar wat later draait hij zich om en duwt zijn bips door de opening.
Hij draait en duwt. Maar niets helpt. Hij kan niet door het poortje.
'Weet je wat?' zegt het jongetje, 'ik zal de tapijten van je rug afhalen.'

C21 Poortje 2

Hij maakt de touwen los en legt de tapijten op de grond.
'Zo, probeer het nu nog eens.'
Het helpt niets. Nog steeds kan de kameel niet door het poortje.
'Het komt door je zadel,' zegt de jongen,
'daardoor blijf je vastzitten. Ik zal dat er nog even van afhalen.'
Zonder dat zadel ziet de kameel er ineens heel anders uit.
Niet meer zo deftig en belangrijk. Hij is nu een heel gewone kameel.
De kameel probeert het nog eens.
Eerst op de knieën; dan naar voren schuifelen, stapje voor stapje,
totdat eindelijk ...

Ja, hoera! Gelukt! Hij is er door!


Illustraties: http://www.boekhandeldekraanvogel.nl

De 'nauwe deur' doet denken aan het 'oog van de naald', de naam voor een klein poortje in de stadsmuren van Jeruzalem.





Grote kinderen

VERDIEPEN

Er veel voor over hebben

(De zondagsevangelies uitgelegd voor kinderen Deel 2, Stichting Kinderwerk Samuel, 1990, p. 267)

Praat met de kinderen over het leven van een topsporter (trainen, matig eten, geen alcohol drinken, voldoende slapen, enz.) Hij kan niet altijd doen waar hij zin in heeft. Maar omdat hij gekozen heeft voor de topsport wist hij vooraf dat hij daar een aantal dingen moet voor laten.

Wie Jezus wil volgen moet zich ook van heel wat dingen losmaken
(Zoek samen met de kinderen naar voorbeelden)
Als een topsporter teveel alcohol dringt, kan hij niet zo best presteren.
Zo kan men Jezus niet echt volgen als men teveel verslaafd is
(Waaraan bv. ? ...)



Een nauwe deur

Zet bij het binnenkomen twee stoelen zo dicht bijeen dat de kinderen moeite moeten doen om het lokaal binnen te komen. Vertel dan dat Jezus het heeft over een nauwe deur.
- Wat zou Hij er duidelijk mee willen maken?
(dat wie Hem wil volgen, het niet zo gemakkelijk zal hebben, dat men daar een inspanning moet voor doen.)


Bespreek
- Wat vinden we niet zo gemakkelijk om te doen van wat Jezus verwacht?



Wat moet je doen om ...

Bespreek met de kinderen:
Wie voetballer wil worden, moet ...
Wie gitarist wil worden, moet ...
Wie brandweerman wil worden, moet...
(vul aan volgens de toekomstverwachtingen van de kinderen)

Verdeel de groep deelnemers in kleinere groepjes. Elk groepje krijgt een blad dat dubbel geplooid is. Op de helft van zo’n blad staat bovenaan een beroep dat de kinderen goed kennen. Er onder staan een paar kleine vragen die de kinderen beantwoorden:
- Wat? (= wat houdt het beroep / werk) in?)
- Voorbereiding, (= wat moet men doen om dit te worden?)

Als de kinderen daarmee klaar zijn, plooien ze hun blad open.
Op dezelfde hoogte als: ‘beroep’, schrijven ze: christen.
Bij dit woord beantwoorden ze dezelfde vragen als bij het beroep op de linkse bladzijde.

Ze staan ook stil bij:
- Wat is de nauwe deur als je bijvoorbeeld brandweerman wilt worden? ... christen wilt worden?


Merk op
Voor veel kinderen en mensen wordt ‘christen-zijn’ beperkt tot een minimaal aantal gebruiken of geloofsopvattingen. Deze opdracht roept op om na te denken over wat het is christen te zijn, Jezus Christus in zijn / haar leven, een rol te laten spelen.



Stilstaan bij een tekening

C21zoevWB1

De kinderen vertellen wat ze op de tekening zien.
Sta daarna stil bij wat getekend werd:
- Wie van de twee mensen op de weg kan zomaar binnen door de deur?
- Waarom is dat?
- Waarom kan de andere man moeilijk binnen door de deur?
- Wat zou er in de pakken van die man kunnen zitten?
- Wat verneem je zo over wat het betekent Jezus te volgen?

Let ook op de kleuren van de tekening
- Wat werd er gekleurd?
- Wat zou de kunstenaar daarmee willen duidelijk maken?
- Wat verneem je zo over wat het betekent Jezus te volgen?





DOEN

De smalle deur

Materiaal
Schoendoos. Neem het deksel ervan af en plaats de doos omgekeerd. Maak in één van de zijwanden een deur, in proporties die herkenbaar zijn - maar wat smaller uitvalt.
Maak in klei een figuurtje dat voor een mens kan doorgaan. Het is belangrijk dat dit figuurtje schouders heeft, en door de smalle deur kan.
Zorg voor lapjes stof (bv. van een oud laken). Deze lapjes zijn groot genoeg - maar niet te groot om als mantel op het figuurtje gelegd te kunnen worden.
Zorg ook voor stiften en tape.


Verloop
Vertel dat Jezus in het evangelie van deze zondag zegt: 'Span je tot het uiterste in om door de nauwe deur te komen.' Ga met het figuurtje door de opening van de schoendoos. Voor dat figuurtje is dat alvast geen probleem.
Maar mensen kunnen zich 'dik' maken. (Wel even nagaan of alle kinderen wel door hebben dat je nu met beelden spreekt) De kinderen geven hiervan allerlei voorbeelden. Laat ze nadien al die vormen van dikmakerij op een stukje stof opschrijven. Leg het een na een elk beschreven lapje op de schouder van het figuurtje, als een mantel en maak het vooraan met tape vast.
Probeer dan het figuurtje terug door de nauwe deur te laten gaan. Teveel kleren!!!
Neem een voor een de lapje stof terug af, en bespreek met de kinderen wat 'geluk' in de weg staat.
Nadien formuleren de kinderen in hun eigen woorden wat Jezus met die zin bedoeld heeft.



Licht zijn

Materiaal
Etiketten (of papiertjes en plaklint), 2 kleine doorschijnende glazen potjes en 2 theelichtjes.


Verloop
De kinderen schrijven op de etiketten wat allemaal van hen is. (speelgoed, kledij, schoolgerief, sportgerief ...)
Daarna kleven ze die etiketten op één van de glazen potjes. Als er veel kinderen zijn, kleven ze de etiketten boven op de andere. (Indien de kinderen voor elk voorwerp een nieuw etiket gebruiken, dan wordt het resultaat van deze activiteit nog indrukwekkender)
Plaats dan in de twee potjes een theelichtje.
Welk potje verspreidt het meeste licht?


Besluit met de kinderen dat het licht van Jezus hen niet kan bereiken als ze teveel aan materiële dingen gehecht zijn.





Jongeren

VERDIEPEN

Een nieuw dieet

Voor een gesloten deur staan.
Met deuren slaan.
Met de deur in huis vallen.
Een deur definitief achter zich dicht trekken.
Bij iemand aan de deur kloppen.
Iemand genadeloos buiten de deur zetten.
Geen voet meer buiten de deur durven zetten.
Een stok achter de deur hebben.
Iemand de deur wijzen.
Een koude winter staat voor de deur.
Deuren dichtgooien.
Een open deur intrappen.
Iemand de sleutel van je deur geven.


De jongeren zoeken voor elk van bovenstaande uitdrukkingen een zin die zegt wat de uitdrukking wil zeggen, zonder dat daarbij het woord 'deur' nog in voorkomt. Of ze geven een voorbeeld bij deze uitdrukking.
Met zo'n beeldende taal willen mensen iets duidelijk maken.

Op een dag zegt Jezus: 'Span je tot het uiterste in om door de nauwe deur te komen.'
Als je weet dat Jezus van zichzelf gezegd heeft: 'Ik ben de deur'
Wat zou Jezus volgens jou, met deze nauwe deur willen zeggen?
Om ook bij stil te staan: Waar leidt die deur naartoe? Waarom is die deur nauw / smal?

(Misschien mag men zich niet dik maken, zichzelf opblazen. De deur is smal voor mensen die pochen op eigen prestaties en eigen verdiensten. Ze dreigen te stikken in zelfgenoegzaamheid)

Nodig de jongeren een 'alternatief dieet' op te stellen dat de mensen kan helpen om door de nauwe deur tot geluk te komen.
Noteer nadien dit 'dieet' op een poster die opgehangen wordt in het kerkportaal, in de klas, in een centrale ruimte in een school ...
of opgenomen wordt in het parochieblad, of op een website van de school.





VERTELLEN

De deur

(C. LETERME, Een parel voor elke dag, Averbode 2007, p. 199)

Een aantal jaren geleden
werd ergens in Engeland
een schilderij onthuld.
Hierop stond Jezus afgebeeld.
Hij stond voor een huis
en klopte op de deur.
De mensen
die het schilderij zagen,
vonden het heel mooi.

Toen merkte een toeschouwer
iets bijzonders op.
Hij ging naar de kunstenaar
die het schilderij gemaakt had en zei:
‘Ik vindt het een mooi schilderij,
maar U bent iets vergeten.
De deur waarop Jezus klopt
heeft geen klink.
Hoe kan Jezus dan naar binnen gaan?’

De kunstenaar antwoordde:
‘Die deur is de deur van ons hart.
Ze kan alleen
van binnenuit opengemaakt worden!’





Overweging

De poort

'Om tot God te komen, moeten we door de deur die Jezus is. We kunnen niet door die poort met ons bezit, met onze rijkdom, met ons verlangen naar grootheid, bekendheid, macht. We moeten ons dus tot het uiterste inspannen tegen alles wat ons 'opblaast' en dat ons belet door de nauwe poort te komen. Wie begaan is met de anderen, slankt vlug af van zijn eigengereidheid.'