Loading...
 

TROAS

Troas


…page…

Eerste kennismaking

Waar?

Waar
© Google maps – Bewerking: Dirk Vanderhallen

De stad Troas, een Macedonische kolonie, lag aan de kust van de Egeïsche zee op 40 km ten zuiden van het antieke Troje. De havensteden Troas en Troje gaven beide via de Dardanellen toegang tot de Zwarte Zee.



Over de naam Troas

Eigenlijk heette Troas voluit: Alexandria Troas / Troas Alexandrina.
Die naam was een eerbetoon aan Alexander de Grote van Macedonië.



Paulus en Troas

In de tijd van Paulus had de havenstad Troas een groot strategisch belang: ze was ook een 'poort naar het westen'. Dat was ze ook voor Paulus die vanuit Troas naar Griekenland ging.

Haven

Huidig zicht op de 'haven van Troas'


Scheepsroutes verbonden Alexandria Troas met Neapolis (het huidige Kavalla in Griekenland), het beginpunt van de Via Egnatia, de heirweg naar Rome.

De stad was een Romeinse kolonie, bestuurd naar het model van Rome.



Actuele situatie

Op dit ogenblik zijn van Troas alleen maar ruïnes over. Een gevolg van aardbevingen en plunderingen. In de grote begroeide ruïnes kan men nog de omwallingen herkennen, die op sommige plaatsen goed bewaard zijn.

Alexandria Troas 31 15927





Wetenswaardigheden

Lucas

In Troas sloot de evangelist Lucas zich aan bij Paulus, Silas en Timoteüs. Samen scheepten zij in Troas in naar Macedonië, de streek in het noorden van Griekenland, toen een Romeinse provincie.
Lucas, de schrijver van het boek 'Handelingen' gebruikt in Handelingen 16, 10 voor het eerst de 'wij'-vorm: ´Na dit visioen, zochten wij dadelijk gelegenheid om naar Macedonië te vertrekken.' Maar Lucas bleef in Filippi. Daarom komt die 'wij-vorm' pas terug als Paulus op zijn derde reis op weg naar Jeruzalem is.



De droom van Paulus

Het is in Troas dat Paulus droomde dat aan de overzijde van de zee een Macedoniër stond, die hem toeriep: 'Steek over naar Macedonië en help ons'. Aan de overkant van de smalle zeestrook lagen Macedonië en Griekenland.



Vergeten?

Vermoedelijk bracht Paulus op zijn terugreis naar Jeruzalem een paar nachten bij Karpus in Troas door, want in zijn woning liet hij zijn mantel en enkele perkamenten liggen. Het is niet bekend of hij die was vergeten of in bewaring had achtergelaten.
Jaren later in de gevangenis in Rome, vroeg hij in een brief aan Timoteüs of hij – als hij hem in Rome kwam opzoeken – de mantel en de perkamenten zou willen meenemen die hij bij Karpus had laten liggen.





Troas in de Bijbel

Nieuwe Testament

Handelingen 20, 7-12: Paulus in Troas
2 Korintiërs 2, 12
2 Timoteüs 4, 13