Loading...
 

De profeet Jona

De profeet Jona

Wie was hij?

Deze profeet was volgens de Bijbel (2 Koningen 14, 25) de zoon van een zekere Amittai uit Gat-Hachefer (enkele kilometers ten noorden van Nazaret). Hij trad op in het Noordrijk, vermoedelijk tijdens de regering van Jerobeam II (8e eeuw voor Christus - 786-746 voor Christus). Hij zou begraven geweest zijn in een moskee bij Ninive, ten noorden van Mosoel. In 2014 werd die graftombe vernield door IS-aanhangers.
Maar of die Jona ook de profeet is uit het boek Jona is helemaal niet duidelijk én niet meer te achterhalen.



De Bijbel over Jona

Oude Testament
Jona wordt vermeld in 2 Koningen 14, 25 en in het boek Jona. Dat boek vertelt over de roeping en het optreden van de profeet Jona.



Nieuwe Testament
In Matteüs 12, 41 en Lucas 11, 32 vergelijkt Jezus de drie dagen van Jona in de vis met de drie dagen tussen zijn dood en verrijzenis.



De naam ‘Jona’

De Hebreeuwse naam ‘Jona’ betekent ‘huisduif'.
In de Koran wordt de profeet Jona ‘Yunus’ genoemd.



Jona als profeet

. Als woordvoerder / profeet van God dacht Jona te weten hoe God was. Maar om te ontdekken wie God ècht was, moest hij afstand nemen van zijn eigen theorieën. Zo ontdekte hij dat God anders is dan mensen: Hij houdt van andere volkeren evenzeer als van Israël. Zijn reddende hand reikt tot het einde van de aarde. Zo herinnert het boek Jona dat Israël zijn geloof moet delen met andere volkeren. Hoewel het zich van die universele zending bewust was, besefte het dat niet altijd in dezelfde mate.

. Als profeet is Jona de verpersoonlijking van het volk Israël in de tijd na de ballingschap: het leefde toen erg op zichzelf teruggeplooid, ontliep de wil van God en kon niet begrijpen dat God van alle mensen houdt.

. Jona was niet happig om naar Ninive te gaan want Ninive was de hoofdstad van het Assyrische Rijk dat Israël onder de voet liep, zijn bevolking deporteerde en het land liet bewonen door mensen uit andere streken.

. Jona is geen eersteklas profeet! Een goede ‘woordvoerder’ van God is hij niet! Toen hij van God de opdracht kreeg: 'Ga de Ninevieten vertellen dat hun verdorvenheid is doorgedrongen tot God' zei Jona: ’Nog veertig dagen en Nineve zal één puinhoop worden' en verdraaide zo de woorden van God.





Het boek Jona

Een apart ‘profetenboek’

Traditioneel gezien ziet men Jona als de schrijver van het gelijknamige boek. Toch wijst niets erop dat hij er de schrijver van is. Ook staan er in de boeken van de profeten normaal gezien woorden en teksten die die profeet uitsprak of schreef. Dit is niet het geval in het boek Jona, dat de lotgevallen vertelt van die profeet.



Ontstaan

Het boek Jona werd waarschijnlijk tussen 400 en 200 voor Christus geschreven.



Historische waarde

Hoewel er veel verwijzingen zijn in dit boek naar historische plaatsen en figuren (Nineve, Tarsis, Jaffa, Jona), toch is dit boek geen historisch verslag. De schrijver liet zich nogal wat vrijheden toe:
. zo maakte hij van Nineve een stad die zo groot was dat men drie dagreizen nodig had om ze te dwarsen ... maar zo groot was Nineve nooit!
. De stad Nineve was allang verwoest op het moment dat Jona er geweest zou zijn.
. Kan iemand echt drie dagen in een vis leven!?!

Maar dit verhaal wordt niet verteld voor de geschiedenis, maar voor de geloofswaarheid en de profetische boodschap die erin vervat zijn. Na de ballingschap (post-exilisch jodendom) zagen de joden hun uitverkiezing door God als een dienst aan de mensheid: ze moeten een licht zijn voor de heidenen en het geluk aan alle volkeren brengen.



Inhoud

God zei tegen Jona: ‘Sta op, ga naar de grote stad Nineve,
en zeg dat Ik gezien heb hoe slecht ze leven.’
Jona stond op, maar wilde naar Tarsis vluchten, ver weg van God.
Hij ging naar Jafo. Daar vond hij een schip dat naar Tarsis ging.
Hij betaalde voor de overtocht en ging aan boord
Maar op zee was er zo’n hevige storm, dat het schip dreigde te breken.
De zeelieden werden bang.
Om het schip lichter te maken gooiden ze de lading in zee.
Jona was in het ruim gaan liggen en in een diepe slaap gevallen.
De kapitein kwam naar hem toe en zei:
‘Hoe kun je zo diep slapen? Sta op en bid tot je god.
dan denkt die misschien aan ons en zullen we niet vergaan!’
De mannen zeiden tegen elkaar: ‘Kom, laten we het lot werpen
om te zien aan wie het ligt, dat deze ramp ons treft.’
Zij wierpen het lot en dat viel op Jona.
Zij vroegen hem: ‘Vertel eens: wie ben je? Waarom ben je op reis?
Jona zei: ‘Ik ben een Hebreeër. God vroeg me om naar Nineve te gaan,
maar ik vluchtte naar de andere kant van de wereld.’
De mannen werden angstig en vroegen: ‘Hoe kon je zoiets doen?
Wat moeten we met je doen
om door de zee met rust gelaten te worden?’
Jona zei: ‘Gooi me maar in zee, dan zal de zee jullie met rust laten.
Het ligt aan mij dat deze hevige storm jullie trof.’
De mannen probeerden nog terug te roeien naar het land,
maar dan lukte niet, omdat de zee wilder werd.
Daarom riepen ze tot God: ‘God, laat ons niet vergaan,
wanneer we deze man om het leven brengen.’
Toen namen zij Jona op en gooiden hem in zee. De zee werd stil.
De mannen waren bevreesd voor God en brachten Hem een offer.
God zond een grote vis om Jona op te eten.
Zo kwam Jona in de buik van een vis, drie dagen en drie nachten.
Daar bad hij tot God:
In mijn nood roep ik God aan, en Hij heeft mij geantwoord.
Uit de schoot van de onderwereld schreeuw ik: luister naar me!
Je hebt me in de afgrond geworpen, in het hart van de zee.
Stromen water omgeven me, al je golven slaan over me heen.
Hoe zal ik ooit nog je heilige tempel zien?
Het water staat tot mijn lippen, mijn hoofd zit vol wier.
Trek me levend omhoog uit de grafkuil, mijn God!
Nu mijn levensadem het begeeft, gaan mijn gedachten naar Jou.
Laat mijn gebed tot Je komen, Ik wil Je offers brengen,
ik wil me houden aan mijn gelofte. Bij God is redding.’
Toen sprak God tot de vis en die spuwde Jona uit op het droge.

Nu zei God voor de tweede keer tegen Jona:
‘Sta op, ga naar de grote stad Nineve
en zeg haar wat Ik je te zeggen gaf.’
Jona stond op en ging naar Nineve, een geweldig grote stad.
Men had drie dagen nodig om er door te trekken.
Jona ging de stad in en riep: ‘Veertig dagen nog,
en Nineve wordt met de grond gelijk gemaakt!’
De bewoners van Nineve begonnen te vasten. Ook hun koning.
En God zag wat ze deden.
Hij zag dat ze terugkwamen van hun slechte wegen.
En God kreeg spijt dat Hij hen met onheil bedreigd had.
Hij bracht het niet ten uitvoer.
Maar Jona vond dat niet goed. Hij werd nijdig. Hij bad tot God:
‘Ach God, ik had dat wel gedacht, toen ik nog in mijn land was!
Daarom wilde ik naar Tarsis vluchten!
Want ik wist dat Je een genadige en barmhartige God bent,
Je hebt altijd berouw over onheil.
Laat me maar doodgaan God: ik ben liever dood dan levend.’
God vroeg: ‘Is er wel een reden om kwaad te zijn?’
Jona ging de stad uit. Daar maakte hij een dak met takken en bladeren
en ging daaronder in de schaduw zitten kijken,
naar wat er met de stad zou gebeuren.
Toen liet God een boom opschieten, om Jona schaduw te geven.
Jona was er enthousiast over.
Maar de volgende dag vrat een worm de boom aan
waardoor hij verdorde.
Bovendien was er een verzengende oostenwind.
Hierdoor stak de zon stak zo hevig op het hoofd van Jona,
dat hij uitgeput neerzonk.
Hij verlangde te sterven en zei: ‘Ik ben liever dood dan levend.’
Maar God vroeg: ‘Jona, moet je wel zo nijdig zijn over de boom?’
Jona antwoordde: ‘Ja, ik heb reden om door en door nijdig te zijn!’
Toen zei God: ‘Je bent bezorgd om een boom,
waarvoor je niets hebt gedaan en die je niet hebt gekweekt,
die boom die tussen de ene nacht en de andere
is opgeschoten en vergaan.
Waarom mag Ik dan niet begaan zijn met de grote stad Nineve,
waar zoveel mensen wonen?"



Spreken over God

Doorheen het boek Jona wordt het beeld van God uitgezuiverd:
* God is barmhartig, goed, bezorgd, meelevend …
- als de mensen zich bekeren, dan trekt God zijn straffen in.
- God geeft mensen een nieuwe kans: Jona wordt uitgespuwd; Nineve kan zich bekeren
- God is zo goed dat zelfs een profeet Hem daarin niet kan volgen (Jona 4, 4)

* God is universeel
God bekommert zich niet alleen om gelovigen, maar ook om ongelovigen, om goede en om slechte mensen, om Israël en om alle volkeren. God maakte zich aan het volk van Israël kenbaar als een bevrijdende God. Jona, krijgt nu de opdracht om aan de andere volkeren te melden dat God ook voor hen een bevrijdende God is.
Een hele evolutie in de religieuze bewustwording van Israël.

* God schrijft recht op kromme lijnen
- God gebruikt ook weerbarstig materiaal om zijn doel te realiseren
- geen mens kan God ontlopen.



Het boek Jona in het jodendom

Het boek Jona wordt in de synagoge gelezen op de Grote Verzoendag (Jom Kipoer). Reden is: de bekering van Jona zowel als van Nineve, waarbij 'dood' omkeert in 'nieuw leven'.
Aan de Grote Verzoendag gaan veertig dagen van inkeer en boetedoening vooraf, te vergelijken met de veertigdagentijd bij de christenen.



Het boek Jona in de islam

Koran, soera 37, 139-148
(C. Leterme, bewerking op basis van vier verschillende Nederlandse vertalingen)

En ook Yunus (Jona) was een boodschapper.
Toen hij wegvluchtte naar het geladen schip,
werd om hem geloot en werd hij overboord geworpen.
Een grote vis slokte hem op terwijl hij zichzelf verweet.
Mocht hij niet behoren tot hen die Ons (Allah) verheerlijken,
dan was hij in de buik van de vis gebleven
tot de Dag van de Opstanding.
We wierpen hem op een kaal strand terwijl hij ziek was.
We lieten een pompoen voor hem groeien
en We zonden hem naar honderdduizend of meer mensen.
Toen ze geloofden, gaven We hun levensgenot voor een korte tijd.





Jona in 'Bijbelin1000seconden'

Oude Testament
Jona 1,1-2,1.11: Jona wil niet naar Nineve
Jona 2, 2-5.8: Jona bidt
Jona 3, 1-5.10: Jona gaat naar Nineve
Jona 3, 1-10: Nineve bekeert zich
Jona 4, 1-11: Jona is kwaad




Nieuwe Testament
Matteüs 12, 38-42

Lucas 11, 29-32