Loading...
 

Jozua 24, 1-13

2 C.Leterme (Jeruzalem 2012)DSC07611

Foto © Chantal Leterme (Jeruzalem - 2012)


…page…

Jozua 24, 1-13: Vergadering in Sichem

De tekst

’Bijbel in gewone taal’

(Deze Bijbeltekst komt uit de Bijbel in Gewone Taal, © Nederlands Bijbelgenootschap 2014, p. 350-351)

Jozua riep alle stammen van Israël bij elkaar in Sichem. Hij liet de leiders van het volk, de leiders van de stammen en alle rechters naar voren komen bij de heilige kist van de Heer.
Toen zei Jozua tegen het hele volk: ‘Dit moet ik zeggen van de Heer, de God van Israël: Jullie voorouders Terach, Abraham en Nachor woonden lang geleden ten oosten van de rivier de Eufraat. Zij vereerden toen andere goden. Maar de Heer haalde jullie voorvader Abraham daar weg, en liet hem door heel Kanaän rondtrekken. De Heer gaf hem veel nakomelingen.
De zoon van Abraham heette Isaak. Isaak was de vader van Jakob en Esau. Aan Esau gaf de Heer de Seïr-bergen om in te wonen. Maar Jakob en zijn zonen gingen naar Egypte.
Later stuurde de Heer Mozes en Aäron naar Egypte. Hij strafte de Egyptenaren met zware straffen, en hij haalde jullie voorouders daar weg. Toen zij bij de Rietzee kwamen, zagen ze achter zich de Egyptenaren met hun paarden en wagens. Op dat moment smeekten jullie voorouders de Heer om hulp. Toen zorgde de Heer ervoor dat het donker werd, en hij liet de Egyptenaren verdrinken in de zee. Zo bevrijdde de Heer jullie voorouders uit Egypte.

Daarna woonden jullie lange tijd in de woestijn. Totdat de Heer jullie naar het land ten oosten van de Jordaan bracht. Daar woonden de Amorieten. Zij vochten tegen jullie, maar de Heer zorgde ervoor dat jullie sterker waren. Hij vernietigde de Amorieten, en jullie konden in hun land gaan wonen.
Daarna vocht de koning van Moab tegen jullie. Die koning was Balak, de zoon van Sippor. Balak wilde dat Bileam, de zoon van Beor, jullie zou vervloeken. Maar de Heer wilde niet naar Bileam luisteren. Hij zorgde er juist voor dat Bileam jullie zegende!

Daarna staken jullie de Jordaan over en kwamen jullie bij de stad Jericho. Jullie moesten de inwoners aanvallen, en jullie versloegen hen. Jullie moesten ook strijden tegen de Amorieten, de Perizzieten, de Kanaänieten, de Hethieten, de Girgasieten, de Chiwwieten en de Jebusieten. Jullie wonnen elke strijd. De Heer zorgde ervoor dat die volken in paniek raakten en wegvluchtten. Zo waren ook de twee koningen van de Amorieten weggejaagd. Ook toen hoefden jullie geen wapens te gebruiken!

De Heer gaf jullie een land, en daar hoefden jullie zelf niets voor te doen. Jullie wonen nu in steden die jullie niet zelf hoefden te bouwen. Jullie hebben nu prachtige wijngaarden en olijftuinen, die jullie niet zelf hoefden aan te leggen.



Dichter bij de tijd

(Bewerking: C. Leterme)

Jozua riep alle stammen van Israël in Sichem bijeen,
met de oudsten van Israël, de familiehoofden, de rechters en de schrijvers.
Toen ze voor God stonden, zei Jozua tegen het volk:
`Zo spreekt Jahwe de God van Israël:
Jullie voorouders, Terach, de vader van Abraham en de vader van Nachor,
hebben vroeger aan de overkant van de Rivier gewoond.
Daar vereerden zij andere goden.
Ik heb jullie vader Abraham daar weggehaald van de overkant van de Rivier,
en hem heel Kanaän doen doorkruisen.
Ik gaf hem een talrijk nageslacht en schonk hem Isaak.
Aan Isaak schonk Ik Jakob en Esau.
Aan Esau gaf Ik het bergland van Seir.
Jakob en zijn zonen trokken naar Egypte.
Toen zond Ik Mozes en Aäron en sloeg Ik Egypte met de plagen,
waarmee Ik hen teisterde, en leidde jullie daarna het land uit.
Toen Ik jullie voorouders uit Egypte leidde en jullie bij de zee kwamen,
achtervolgden de Egyptenaren jullie voorouders
met wagens en paarden tot aan de Rietzee.
toen jullie voorouders tot Jahwe riepen,
legde Hij een donkere nevel tussen jullie en de Egyptenaren
en joeg Hij de zee over hen heen, die hen overspoelde.
Met eigen ogen hebben jullie gezien wat Ik in Egypte gedaan heb.
Nadat jullie lange tijd in de woestijn had doorgebracht,
leidde Ik jullie naar het land van de Amorieten in het Overjordaanse.
En toen zij jullie aanvielen, gaf Ik hen in jullie macht,
zodat jullie hun land in bezit kon nemen. Ik heb hen voor jullie uitgeroeid.
Toen begon Balak, de zoon van Sippor, de koning van Moab, de oorlog tegen Israël.
Hij ontbood Bileam, de zoon van Beor, om jullie te vervloeken.
Maar Ik heb niet naar Bileam willen luisteren, zodat hij jullie gezegend heeft.
Zo heb Ik jullie uit zijn macht gered.
Toen zijn jullie de Jordaan overgestoken en bij Jericho gekomen.
De burgers van die stad, de Amorieten, de Perizzieten,
de Kanaänieten, de Hethieten, de Girgasieten, de Chiwwieten
en de Jebusieten voerden oorlog tegen jullie,
maar Ik leverde hen aan jullie over.
Verslagenheid zond Ik voor jullie uit, die hen
- de beide koningen van de Amorieten - voor jullie verdreef,
zonder dat zwaard of boog eraan te pas kwam.
Zo gaf Ik jullie een land waarvoor je niet hebt gezwoegd,
steden die je niet hebt gebouwd maar waarin je toch woont,
en zo eet je van wijngaarden en olijfbomen die je niet hebt geplant'.



Stilstaan bij …

Israël
(= strijder met God)
Naam die de aartsvader Jacob kreeg na zijn gevecht met God bij de beek Jabbok (Genesis 32, 28-29)
Naargelang de context verwijst deze naam naar:
. Jacob
. het joodse volk, de afstammelingen van Jacob
. het land waar de Israëlieten wonen
. de tien stammen die samen het Noordrijk vormden

Sichem
Sichem lag ten oosten van het huidige Nabloes. Het was een Kanaänitische stad tussen de bergen Ebal en Gerizim. Daar woonde de aartsvader Jacob. Tot op vandaag vindt men er het graf van zijn lievelingszoon Jozef.
Lees meer

Oudsten
Dit waren de familiehoofden. Ze vertegenwoordigden hun stam en hadden een leidinggevende positie.

Rechters
Wanneer het volk Israël na de tocht door de woestijn in het Beloofde Land aankwam, speelden 'rechters' een belangrijke rol. Het waren sterke figuren die plunderingen bestreden en voor lange of korte tijd rust brachten. Ze waren tegelijk veldheer, rechter en priester. Ze brachten de Israëlieten telkens opnieuw terug tot trouw aan het verbond dat God met hen sloot. God, die hen uit de slavernij in Egypte had bevrijd.





Bij de tekst

Het boek Jozua

Het boek Jozua biedt een sterk optimistische en eerder nationalistische visie op de intocht in het Beloofde Land. Het beschrijft de gebeurtenissen in een logische volgorde:
. instorting van de muren van Jericho
. inname van de stad Ai
. overwinning op de koningen van het land
. reorganisatie van het hele grondgebied
. afscheidsrede van Jozua
Daarom lezen christenen het boek Jozua als een historisch boek.


Maar bij de joden behoort het boek Jozua en ook de boeken Rechters, Samuël en Koningen tot de profetische boeken (Nebiim), boeken die proberen de waarden uit de tora aan het volk voor te houden en in te prenten.

Het boek Jozuabeschrijft hoe mensen het land moeten bewonen (vanuit de Tora).
Het boek Rechtersbeschrijft hoe recht en gerechtigheid tot stand moeten komen.
Het boek Samuelbeschrijft hoe het land moet bestuurd worden volgens de Tora.
De boeken Koningenbeschrijven hoe het land moet bestuurd worden volgens de Tora.
De geschriften van de Profetenroepen rechtstreeks op om te leven met de Tora als leidraad.