Hebreeën: inleiding
Hebreeën 1, 1-6: Meer dan engelen
Hebreeën 2, 5-12: Dezelfde oorsprong
Hebreeën 2, 9-11: Kinderen van God
Hebreeën 2, 10-18: Jezus, hogepriester bij God
Hebreeën 2, 14-18: Een goede en betrouwbare hogepriester
Hebreeën 3, 7-14: Luister naar de Geest
Hebreeën 4, 1-5.11: Binnengaan in de rust van God
Hebreeën 4, 12-13: Als een tweesnijdend zwaard
Hebreeën 4, 12-16: Het woord van God
Hebreeën 4, 14-16: Een hogepriester bij God
Hebreeën 4, 14-16; 5, 7-9: Een hogepriester die zich kan inleven
Hebreën 5, 1-6:Vertegenwoordiger van de mensen bij God
Hebreeën 5, 1-10: Jezus, priester voor altijd
Hebreeën 5, 7-9: Bron van eeuwige redding
Hebreeën 6, 10-20: De hoop, het anker van de ziel
Hebreeën 7, 1-3.15-17: Jezus en Melchisedek
Hebreeën 7, 23-28: Een nieuwe hogepriester
Hebreeën 7, 25 - 8,6: Priester voor altijd
Hebreeën 8, 6-13: Een nieuw verbond
Hebreeën 9, 2-3.11-14: De kracht van Jezus’ bloed
Hebreeën 9, 11-15: Voor altijd gered
Hebreeën 9, 15-.24-28: Het offer van Christus
Hebreeën 9, 24-28: Jezus is voor ons bij God
Hebreeën 9, 24-28. 10, 19-23: De nieuwe hogepriester
Hebreeën 10, 1-10: Wat over Jezus geschreven staat
Hebreeën 10, 4-10: De wil van God doen
Hebreeën 10, 5-10: Het offer van Christus
Hebreeën 10, 11-14.18: Zonden vergeven
Hebreeën 10, 11-18: Ik leg mijn wetten in hun hart
Hebreeën 10, 19-25: De weg naar een nieuw leven
Hebreeën 10, 32-39: Hou vol
Hebreeën 11, 1-7: Wat is geloof?
Hebreeën 11, 1-2.8-19: Geloven als Abraham
Hebreeën 11, 8.11-12.17-19: Geloven als Abraham en Sara
Hebreeën 11, 32-40: Groot geloof
Hebreeën 12, 1-4: Blijven geloven
Hebreeën 12, 4-7.11-15: Vechten tegen zonde
Hebreeën 12, 5-7.11-13: Leren van een straf
Hebreeën 12, 18-19.21-24: Twee bergen
Hebreeën 12, 18-19.22-24a: Feestelijk bijeenkomen
Hebreeën 13, 1-8: Blijf van elkaar houden
Hebreeën 13, 15-17.20-21: God loven